Dewael naar begrafenis Boris Jeltsin
BRUSSEL - Vice-premier Patrick Dewael zal België vertegenwoordigen op de begrafenis van de gewezen president van Rusland, Boris Jeltsin. Dat meldt de woordvoerder van de premier. Jeltsin overleed op 76-jarige leeftijd. Hij stierf volgens de behandelende artsen aan een plotselinge hartstilstand.
EEN PORTRET

Zowat de laatste keer dat Boris Jeltsin voor een breed publiek te zien was, was op 9 mei 2005, tijdens de zestigste verjaardag van het einde van de Tweede Wereldoorlog.

Toen de camera over de eretribune op het Rode Plein zweefde, kwam de oude Boris Jeltsin heel eventjes in beeld, ergens op een van de achterste rijen van de tribune. Rusland verdraagt maar één tsaar, en Jeltsin was de ex-tsaar aan wie vele Russen nare herinneringen overhouden.

Zwaargewicht

Nochtans is Boris Nikolajevitsj Jeltsin een historisch zwaargewicht geweest in de geschiedenis van Rusland. Het was de voormalige communistische apparatsjik Jeltsin die eind jaren tachtig een kruis maakte over de hervormingsplannen van Sovjet-leider Michail Gorbatsjov.

Die laatste gold in het Westen als de meer beschaafde van de twee, maar het was Boris Jeltsin die had begrepen dat de Sovjet-Unie niet meer te redden viel – en die ook Gorbatsjov eronder kreeg. Voor Jeltsin was dat geen kwestie van ideologie: hij was een man van de praktijk, en in de praktijk lonkte de macht.

Sovjetrepubliek

Op 12 juni 1991 werd Jeltsin met 57 procent van de stemmen verkozen tot president van de (toen nog) Russische Socialistische Sovjetrepubliek. Dat relatief lage cijfer toont dat Rusland toen plots iets van een democratie had. Toen in augustus 1991 communistische hardliners een coup probeerden in Moskou, creëerde Jeltsin zowat het hoogtepunt van zijn politieke leven: hij kroop bovenop een tank en zwoer dat de coupplegers niet zouden winnen. Jeltsin kreeg gelijk.

Hij bleef president tot het jaar 2000 en leidde Rusland in die negen jaar door een onvoorstelbare hoop ellende en chaos. De economie stortte met de val van de Sovjet-Unie in elkaar, de ‘schoktherapie’ die Jeltsin een groep jonge liberalen liet uitproberen op de Russische economie creëerde miljoenen armen. In 1993 liet Jeltsin in een conflict met het parlement tanks Moskou binnenrijden en het parlement beschieten.

In december 1994 was het Jeltsin die de Russische troepen het opstandige Tsjetsjenië liet binnenvallen, het begin van een eindeloze slachtpartij. Tegen de verkiezingen van 1996 haalde Jeltsin vooral het nieuws met zijn drankmisbruik en wankele gezondheid. Hij zei later zelf dat hij tijdens zijn presidentschap vijf hartaanvallen heeft gehad.

Drinkende Jeltsin

Ook de drinkende Jeltsin staat nog op vele netvliezen gebrand. Jeltsin die tijdens het afscheid van de Russische troepen in Berlijn zelf het dirigeerstokje van de militaire kapel in handen neemt en woest begint te zwaaien.

Jeltsin die tijdens een persconferentie met Bill Clinton zulke idiotieën uitkraamt dat Clinton de slappe lach krijgt. De secretaresse die, voor het oog van de camera’s, door de Russische president even in de billen wordt geknepen en door vele camera’s werd vereeuwigd in een ‘oeps’-moment.

Dat was de vrolijke Jeltsin. De meer sinistere Jeltsin was een autoritaire leider die met enkele getrouwe ‘oligarchen’ een onvoorstelbare hoeveelheid rijkdom kanaliseerde in de handen van enkelen, de zogenaamde ‘Familie’.

Dat alles gebeurde terwijl de gewone Rus crepeerde in armoede. Dezelfde Jeltsin die, uiteindelijk lichamelijk helemaal op, in 1999 zijn eigen opvolger creëerde, een jonge KGB-topman die luisterde naar de naam Vladimir Poetin. In ruil voor de macht vergat Poetin alle corruptiedossiers die waren gelinkt aan de ‘Familie’.

Populair in buitenland

Veel Russen hebben slechte herinneringen aan Boris Jeltsin. Hij doet hen denken aan de tijd van de neergang, van de gekrenkte Russische trots ook.

Internationaal gezien was Jeltsin populairder: hij zette een bescheidener Rusland op de wereldkaart (dat intussen alweer van die kaart is verdwenen). En ondanks zijn autoritaire gedrag had Jeltsin nog een voordeel: met alle kritiek die op hem mogelijk was, stond hij toch een –naar Russische normen – grote mate van persvrijheid en kritiek toe. Ook dat is intussen nagenoeg verdwenen.

Poetin

Anna Politkovskaja, de kritische journaliste die vorig jaar in Moskou werd vermoord, verwoordde dat voor De Standaard zo eens: ‘In die tijd werden we allemaal erg moe van het eindeloze gezuip en de aanhoudende ziektes van de president. Toen kwam Poetin. En ook ik dacht even: als hij niet drinkt en een goede manager is, kan hij een goede president worden. Toch heb ik nooit voor hem gestemd. Hij is een voormalige KGB’er. En nu zitten we in een oorlog zonder einde en kijken we uit op de puinhopen van de vrije meningsuiting in Rusland. Dan liever een president die drinkt dan één die oorlog voert.’

De meeste Russen waren het altijd met Politkovskaja oneens.