En op het einde winnen de Duitsers, klopt dat wel?
Is wat Gary Lineker beweert feit of een mythe? Foto: AFP

Een nieuwe Belgische studie onderzocht de befaamde uitspraak van Gary Lineker, die suggereert dat Duitse elftallen vaker scoren (en winnen) in de laatste minuut.

De Belgische arbeidseconoom Stijn Baert heeft een eigenaardige hobby. In zijn vrije tijd bestudeert en doorprikt hij graag sportmythes, met name als het gaat over voetbal. Met als onderliggende boodschap dat ook de voetbalwereld zich beter laat leiden door harde data dan door buikgevoel.

1008 Europese wedstrijden

En met de hulp van Louis Van Den Broucke pakt hij nu de befaamde uitspraak aan van ex-topvoetballer en BBC-commentator Gary Lineker. Die verklaarde in 1990 na de verloren halve finale tegen Duitsland de bekende woorden: ‘Voetbal is een simpel spel: 22 mensen lopen 90 minuten achter een bal aan... en op het einde winnen de Duitsers.’

Maar klopt die uitspraak wel? Cijfermatig alvast niet, zo blijkt uit een grondige analyse van de uitslagen van 1008 Europese wedstrijden tussen 2008 en 2014. Daaruit blijkt dat Duitse elftallen niet vaker scoren en winnen in de laatste minuten (toegevoegde tijd, na de 90ste minuut) dan clubelftallen uit andere Europese landen.

Spaanse en Franse elftallen solider

Maar met andere nationaliteiten was er wél een ‘significante statische afwijking’ in de onderzoeksresultaten. Zo blijkt dat Spaanse en Franse elftallen er vaker in slagen om late tegengoals te vermijden dan elftallen uit andere landen. Wat suggereert dat zij solider zijn en makkelijker een resultaat over de streep kunnen trekken. Van hun tactische aanpak valt dan mogelijk ook te leren, stellen Baert en Van Den Broucke. Hetzelfde geldt overigens voor Engelse clubelftallen, zij het enkel als ze een Engelse coach hebben.

Nederlandse clubelftallen scoren dan weer vaker dan andere clubelftallen in de laatste minuten van een wedstrijd, maar krijgen ook vaker late goals tegen. Wat er lijkt op te wijzen dat onze noorderburen vaker grote risico’s durven nemen op het einde van een wedstrijd, dan teams uit andere landen.

‘Nederlandse elftallen staan bekend om hun aanvallende aanpak en de onderzoeksresultaten lijken dat alleen maar te bevestigen’, verduidelijkt Baert, die naar eigen zeggen voor Belgische elftallen géén significante afwijkingen kon vaststellen.

Ook die Mannschaft is kwetsbaar

Nog dit, de resultaten van de Belgische econometrische studie op dezelfde lijn met de resultaten van een eerdere internationale studie van Van Ours en van Tuijl (2) over late doelpunten bij wedstrijden van nationale elftallen. Zij bestudeerde de late tegendoelpunten tussen 1960 en 2010 in alle grote internationale toernooien (WK, EK en Copa America) en kwamen daar tot de vaststelling dat de Argentijnen, de Italianen én de Duitsers het vaakst scoorden in de toegevoegde tijd.

Maar uit diezelfde studie bleek ook dat ‘die Mannschaft’ ook vaker late tegengoals incasseerden. Wat ook daar er lijkt op te wijzen dat de befaamde uitspraak van Gary Lineker eigenlijk niet meer is dan een zoveelste voetbalmythe.