Kleine Julen stierf meteen na val in boorschacht
Voor de reddingsactie werd dagenlang het grote materiaal ingezet. Foto: AFP

De kleine Julen, die drie maanden geleden in het Zuid-Spaanse Totalán in een boorschacht viel, is zowat onmiddellijk aan zijn zware hoofdverwondingen overleden. Het tweejarige jongetje bleef op 13 januari na het ongeval nog maar enkele minuten in leven, blijkt uit de lijkschouwing.

De jongen was in een meer dan 100 meter diepe, illegaal gegraven boorschacht voor een waterbron gevallen. Zijn levenloze lichaam werd twee weken later op een diepte van 70 meter gevonden, nadat reddingswerkers een parallelle schacht hadden geboord.

De experten die het lichaam onderzochten sloten uit dat het gebruik van een houweel bij de reddingsoperatie medeverantwoordelijk was voor de dood van de kleine jongen, zoals in februari een rapport speculeerde. Dat rapport was van de hand van architect Jesús María Flores, die eerder al kritiek had op de reddingsoperatie. De advocaten van de eigenaar van het domein waar het ongeval plaatsvond, hadden dit document vervolgens voorgelegd aan de bevoegde rechter.

De krant El Mundo citeerde maandag gerechtelijke kringen die stellen dat bij de lijkschouwing geen overeenkomstige wonden op de schedel van het kind werden aangetroffen. De reddingswerken met een houweel begonnen ook pas vier uur na de val van Julen, die toen dus al overleden was.