Macron benoemt vertrouwelingen
Emmanuel Macron. Foto: reuters
President Emmanuel Macron heeft drie ‘vertrouwelingen’ benoemd in zijn regering. Dat leidde meteen tot een vloedgolf aan kritiek van de oppositie. Hij zou te veel zelf de touwtjes in handen willen houden.

De rechtse Les Républicains verwijt Macron dat hij het contact met de buitenwereld kwijt is en tweette dat met de hashtag #leroiestseul. ‘De macht wordt geconcentreerd. De president zoekt alleen nog ministers in eigen kring’, zei woordvoerster Gabrielle Siry van de PS.

Die kritiek lijkt deels ingegeven door partijpolitieke motieven. Want er wordt wel degelijk ‘vernieuwd’ en ‘verjongd’. Macron benoemde zijn perswoordvoerster Sibeth Ndiaye (39) tot staatssecretaris en woordvoerster van de regering. Zijn economisch adviseur Cédric O (36) werd staatssecretaris voor Digitale Zaken. En Macrons parlementslid Amélie de Montchalin (33), gespecialiseerd in economie en financiën, gaat zich als staatssecretaris bezighouden met Europese Zaken.

‘Bereid te liegen’
Alleen Ndiaye heeft een publiekelijk krasje op haar cv. Kort na haar aantreden in 2017 tekende weekblad L’Express een omstreden citaat van haar op: ‘Ik ben bereid te liegen als ik daarmee de president bescherm.’ Die uitspraak zou ‘uit haar verband zijn gerukt’, aldus Ndiaye.

De kritiek van de oppositie op de benoemingen is niet nieuw. Emmanuel Macron krijgt al langer het verwijt in een ivoren toren te leven. ‘Macron is in zijn eentje opgeklommen tot president, zonder wortels in het land en met een soort virtuele partij’, schreef commentator Serge Raffy gisteren. ‘Daar betaalt hij nu de prijs voor.’

Die solitaire koers van de president heeft ook een breder politiek risico. Benoemingen zijn steeds minder te danken aan partij-ervaring, politieke carrières of electorale steun. ‘Ministers hebben alles te danken aan alleen de president. En alleen aan hem leggen ze verantwoording af’, aldus politicoloog Olivier Rouquan tegen de Huffington Post. ‘Het risico is dat je uitkomt bij een uiterst ver doorgevoerd presidentieel systeem zonder democratisch toezicht.’