Christelijke metaalvakbond keurt loonakkoord wél goed
Militanten van ACV Metea Foto: IMAGEGLOBE

ACV Metea, de christelijke metaal- en textielvakbond, heeft woensdag het ontwerp van loonakkoord goedgekeurd. Het gaat daarmee in tegen de Algemene Centrale van de socialistische vakbond ABVV, dat het ontwerpakkoord dinsdag met een ruime meerderheid verwierp.

ACV Metea keurde het ontwerp van interprofessioneel akkoord met twee derde van de stemmen goed. Vooral het deel over de verhoging van de laagste pensioenen, de landingsbanen en de versoepeling van de SWT-regels trok de militanten over de meet om het akkoord goed te keuren, klinkt het.

De vakbond is wel bezorgd, met name over de uitspraken van Open VLD, N-VA en pensioenminister Daniel Bacquelaine (MR). Zowel regeringspartij Open VLD als ex-coalitiepartner N-VA verzetten zich tegen de versoepeling rond het brugpensioen zoals afgesproken in het loonakkoord. Bacquelaine kan zich dan weer niet vinden in enkele pensioenmaatregelen uit het akkoord.

‘Afspraken over de verhoging van de laagste pensioenen, over landingsbanen en over SWT-regels moeten hardgemaakt en uitgevoerd worden door de regering. Dit is cruciaal voor mensen die vaak op heel jonge leeftijd in zware jobs zijn ingestapt. Onze leden zullen eventuele politieke arrogantie niet pikken’, waarschuwt ACV Metea.

De centrale heeft ook vragen bij de loonwet zelf. Die is allang voorbij haar houdbaarheidsdatum, vindt de vakbond. ‘De loonwet is het laatste spatje geloofwaardigheid kwijt. De volgende federale regering moet ze grondig aanpassen.’

Kritische stemmen

De goedkeuring van de christelijke metaal- en textielcentrale is de eerste aanwijzing hoe de christelijke vakbond zal stemmen over het loonakkoord. Heel wat afdelingen van de socialistische vakbond lieten zich al kritisch uit over het ontwerp. De Algemene Centrale, de grootste arbeiderscentrale binnen het ABVV, verwierp het akkoord al.

Op 26 maart moet definitief duidelijk worden hoe ACV, ABVV en ACLVB gaan stemmen over het ontwerp van akkoord, dat onder meer voorziet in een stijging van de lonen bovenop de index met maximaal 1,1 procent dit en volgend jaar, een verhoging van de minimumlonen met 1,1 procent, flexibeler overuren en een versoepeling van de SWT-regeling.