De laatste grote regisseur van Hollywoods ‘Golden Age’ is overleden: Stanley Donen, regisseur van de beste Hollywoodmusical ooit, ‘Singin’ in the rain’, werd 94 jaar oud. Stanley Donen regisseerde de musical samen met steracteur en danser Gene Kelly, met wie hij eerder ook zijn regiedebuut ‘On the town’ opnam, met ook Frank Sinatra en Ann Miller in.

Donen ging naar eigen zeggen verder op het élan van Fred Astaire en Ginger Rogers, die op hun beurt teruggrepen op René Clair en Lubitsch. Maar ‘On the town’, met zijn legendarische openingsnummer ’New York, New York’, was in 1949 een keerpunt in de filmgeschiedenis, met innovatieve technieken die pas tien jaar later zouden worden opgepikt, in Frankrijk, door de Nouvelle Vague.

oordien waren musicalfilms een soort gefilmde theatershows, zoals die van Busby Berkeley. Het was met een film van die laatste dat Donen begon, toen nog als scenarist. Maar wat Gene Kelly en Donen samen deden, was iets heel anders dan een gefilmde theatershow: ze integreerden de liedjes en dansscènes in het verhaal.

‘On the town’ leverde Donen een contract op bij Hollywoodstudio MGM, waar producent Arthur Freed de dans leidde. Twee studiofilms later sloeg hij opnieuw de handen in elkaar met Gene Kelly voor wat algemeen wordt beschouwd als de beste Hollywoodmusical ooit: ’Singin’ in the rain’, een satire over de overgang in Hollywood van stomme films naar ’talkies’ in de late jaren 1920.

De choreografie van het bekende titelnummer nam maanden in beslag - Donen en Kelly lieten gaten graven in het cement om geloofwaardige plassen te maken. Aanvankelijk werd de film lauw onthaald. De release liep ook spaak, doordat een eerdere film van Kelly, ‘An American in Paris’, tegelijk opnieuw in de zalen kwam, nadat die bij verrassing de Oscar had gewonnen. Charlie Chaplin en François Truffaut outen zich wel vrij snel als fans. Pas toen de film in 1975 opnieuw uitkwam, werd hij algemeen ontvangen als een succes. Billy Wilder noemde het een van de vijf beste films ooit.

Donen scoorde een nog grotere musicalhit met ’Seven brides for seven brothers’, dat intussen zo goed als vergeten is. Schrijfster Francine Prose noemde deze ‘musical over verkrachting’ later ‘een van de meest weerzinwekkende films over mannen en vrouwen ooit gemaakt’. In 1955 werkte Donen nog eens met Gene Kelly voor ‘It’s always fair weather’, maar het zou de laatste keer zijn. Hun vriendschap liep spaak tijdens de opnames - ‘een nachtmerrie’, noemde Donen die, en ‘een strijd van begin tot eind’. Donen zou nog lang bitter blijven praten over zijn mentor, terwijl Kelly steevast het aandeel van Donen minimaliseerde. De oorzaak voor hun ruzie had, zoals zo vaak, ook met een vrouw te maken: Jeanne Coyne was eerst getrouwd met Stanley Donen, en later met Gene Kelly.

De werkrelatie tussen co-regisseurs Donen en Gene Kelly was zo nauw, dat het niet altijd duidelijk is wie de belangrijkste hand had in de musicals. Maar toen de twee elk hun eigen weg gingen na hun ruzie, werd wel duidelijk dat de films die Donen solo maakte, beter onthaald werden. Bij Paramount kon hij ‘Funny face’ maken, met Fred Astaire als een modefotograaf die losjes was gebaseerd op Richard Avedon, die de openingstitels van de film ontwierp. Audrey Hepburn speelt er Astaires model en muze in, terwijl de twee de liefde vinden in Parijs.

Een andere liefde die hij meesterlijk orchestreerde was die tussen Cary Grant en Ingrid Bergman in ‘Indiscreet’, de tweede film waarin deze filmsterren samen speelden na Hitchcocks ’Notorious’. Om de preutse filmcode indertijd te omzeilen, maakte hij inventief gebruik van split-screen: de twee geliefden telefoneerden naar elkaar, maar door de split-screen leek het alsof ze bij elkaar in bed lagen.

In 1963 maakte Donen ‘de beste Hitchcockfilm die Hitchcock nooit maakte’: ‘Charade’, met Cary Grant en Audrey Hepburn. Het was Donens grootste hit, waarna hij opnieuw een Hitchcock-achtige film maakte met Gregory Peck en Sophia Loren, ‘Arabesque’. Zijn laatste film werd in 1984 ‘Blame it on Rio’, met Michael Caine en Demi Moore. In 1993 bereidde hij nochtans een musicalfilm voor op basis van ’Strange case of Dr. Jekyll and Mr. Hyde’, met niemand minder dan Michael Jackson in de hoofdrol. De film viel in het water toen in de tabloids het schandaal losbarstte over de beschuldigingen van pedofilie aan Jacksons adres. In 1998 kreeg hij een ere-Oscar.

Maar als er één film is waarvoor hij herinnerd zal worden, dan wel ’Singin’ in the rain’, met zijn beroemde titelnummer, waarin de hele film aan het dansen en zingen is. Stanley Donen is de man die, samen met Gene Kelly, ervoor zorgde dat musical een volwaardig filmgenre werd.