Oliver Naesen wil benen testen in Oman
Foto: BELGA

Oliver Naesen is samen met Greg Van Avermaet één van de Belgische toppers in de Ronde van Oman, die zaterdag van start gaat. De kopman van AG2R legt in het sultanaat de laatste hand aan zijn voorbereiding op het klassieke seizoen en wil er vooral “de benen eens testen” en zien hoever hij staat.

Na heel wat ereplaatsen in 2017 wilde Naesen in 2018 bevestigen, maar pech doorboorde zijn klassieke voorjaar. Hij lag te veel op de grond. “Ik was in dat voorjaar meer bezig met achtervolgen dan met zelf koers maken”, blikt hij nog even terug op een persmoment in aanloop naar de Ronde van Oman. “Dat voorjaar wil ik zo snel mogelijk vergeten. Ik had enorm hard getraind en had goede benen, maar ik heb ze nooit kunnen tonen.”

In 2019 wil hij komaf maken met de tegenslagen. “Ik mag er niet aan denken dat ik nog zo’n voorjaar zou moeten rijden”, blikt hij vooruit. “Dat wil ik echt niet nog eens meemaken. Ik heb deze winter enorm hard getraind, op mijn voeding gelet, echt niets aan het toeval overgelaten en ik wil nu wel een sterk voorjaar rijden.”

Grote uitspraken doet hij liever niet, zeker niet na zijn voorjaar van 2018. “Ik startte toen met veel vertrouwen, wilde een klassieker winnen, maar uiteindelijk smakte ik te veel tegen het asfalt en kwam ik er amper aan te pas. Pas op, zo slecht was het nu ook weer niet. Ik werd vierde in de E3 Harelbeke, zesde in Gent-Wevelgem, elfde in de Ronde van Vlaanderen, twaalfde in Roubaix, maar ik mikte wel op meer. Ik reed wel nog een goede Tour en een sterk najaar, maar ik wilde er ook staan in het voorjaar. Nu is dat opnieuw de ambitie. Is mijn voorjaar alleen geslaagd bij winst in een klassieker of semiklassieker? Neen, dat wil ik niet zeggen. Ook een dichte ereplaats zou me al veel plezier kunnen doen. Natuurlijk wil ik graag winnen, maar dan moeten alle puzzelstukjes in elkaar vallen. Ik zal na deze Ronde van Oman al veel wijzer zijn. Twee jaar geleden had ik een paar ritten aangeduid, maar kwam ik uiteindelijk telkens net te kort op een paar klimmetjes voor de finish. Kan ik nu die klimmetjes wel over, dan rijd ik wel een resultaat. Dan zal ik tevreden zijn. Ik wil ook wel eens zien wat de concurrentie hier waard is.”