Terugkeer assisen breekt rechtbanken zuur op
Archiefbeeld Foto: Photo News
Vertraging voor andere strafzaken en extra druk op magistraten: de mislukte ‘afschaffing’ van assisenzaken laat zich voelen.

Als er één zaak is waarover het openbaar ministerie, de rechters én de minister van Justitie het eens waren, dan wel over de forse druk die assisenzaken leggen op de organisatie van rechtbanken en hoven van beroep. Minister van Justitie Koen Geens (CD&V) maakte het daarom mogelijk om moordzaken zo veel mogelijk te 'correctionaliseren'. Een strafrechter, geen volksjury, zou voortaan oordelen over schuld of onschuld. Op alle banken werd geapplaudisseerd voor het ‘uitdoofbeleid’ van de assisenzaken, in 2015. Maar een dik jaar geleden oordeelde het Grondwettelijk Hof dat die verandering in strijd was met het gelijkheidsbeginsel. Moordzaken kwamen dus terug naar het hof van assisen. En dat heeft praktische gevolgen. In de eerste plaats voor de hoven van beroep, want de voorzitter van een assisenhof komt altijd uit zo’n hof.

‘De komende maanden zullen de kamers die de gewone strafzaken behandelen minder dossiers kunnen afwerken’, zegt Martin Minnaert, de persrechter van het Gentse hof van beroep. ‘Er zijn dertien magistraten om die vijf kamers te bevolken (in beroep zetelen de magistraten met z'n drieën, red.). Maar  de assisenzaken komen in een redelijk tempo weer binnen. Er zijn er twee in behandeling, dertien andere zijn op komst. Daarvoor is telkens een van die magistraten nodig, waardoor ze in de praktijk nog met z'n twaalven zullen zijn om vijf kamers te bolwerken. De capaciteit die assisenzaken opslorpen stremt de zaken waarin geen verdachte is aangehouden.’

Ademruimte kwijt

In het rechtsgebied van het Antwerpse hof van beroep, dat de provincies Limburg en Antwerpen omvat, vinden alleen in Tongeren assisenzaken plaats – in Antwerpen zelf is er geen geschikte zaal meer, wat eind maart opgelost zou moeten zijn. 

‘Om de assisenzaken in Limburg te kunnen behandelen, hebben we gepensioneerde rechters gevraagd om als voorzitter te zetelen’, zegt Jo Daenen, de persrechter van het Antwerpse hof van beroep. ‘De voorzitter in Tongeren is deze maand 70 jaar geworden, we hebben het geluk dat hij ons nog wil helpen, na zijn pensionering. In de zaak tegen Renaud Hardy, die veroordeeld werd voor onder andere twee moorden, waren de bijzitters gepensioneerde raadsheren die belangeloos bijgesprongen hebben. Op termijn is dit niet houdbaar. In tegenstelling tot Wallonië hebben wij niet de luxe om vaste assisenvoorzitters te kunnen aanduiden.' 

'Met de assisenzaken die er nu zitten aan te komen, zal op jaarbasis telkens één raadsheer zich fulltime met assisen moeten bezighouden. Andere zaken zullen daardoor vertraging oplopen. De ademruimte die er was, is weggenomen door de combinatie van besparingen en de terugkeer van assisen.’

Naast de voorzitter zetelen in een assisenzaak ook twee rechters uit eerste aanleg. Dat zullen ze bij de Nederlandstalige rechtbank in Brussel geweten hebben. ‘Voor de werklast van de individuele magistraat betekent de terugkeer van assisen een serieuze verhoging’, zegt persrechter Anouk Devenyns. ‘Meestal heeft een rechter twee à drie zittingen per week, wanneer hij zetelt in assisen neemt een collega over. Gewoonlijk is die niet vertrouwd met de materie die daar wordt behandeld, maar we proberen de termijnen te respecteren. Wanneer de collega van assisen dan terugkomt, moet hij inspringen bij wie hem heeft vervangen.’

Elders, bijvoorbeeld in Limburg, valt de impact op eerste aanleg nog mee. Omdat in  Antwerpen nog wordt gewacht op een assisenzaal, verwacht voorzitter Bart Willocx daar dat de periode vanaf april ‘vrij intensief’ wordt. ‘Het zal globaal gesproken twee rechters in belangrijke mate verhinderen gewone zittingen op te nemen.’