Nederlandse krant verbreekt samenwerking met uitgezette correspondent
Themabeeld Foto: Hollandse Hoogte / Gerard Til Photo

De Nederlandse journaliste Ans Boersma was correspondente voor onder andere de Nederlandse krant Het Financieele Dagblad (FD) in Turkije. Ze werd donderdag het land uitgezet, en de hoofdredactie van FD besliste de samenwerking met haar te stoppen, ‘wegens nalatigheid in de informatie’.

FD schrijft op de website dat ze ‘intensieve gesprekken’ hebben gehouden met Boersma, en op basis van dat contact hebben ze beslist niet meer met haar samen te werken. Volgens de krant kon ze onvoldoende duidelijkheid verschaffen over de elementen die het Nederlandse Openbaar Ministerie (OM) haar ten laste leggen.

Het OM verdenkt Boersma van valsheid in geschrifte, en Turkije liet weten dat ze het land werd uitgezet omdat ze banden zou hebben met de terroristische organisatie Jabhat al-Nusra. Zelf denkt ze dat de verdenking volgt omdat ze een relatie had met een Syriër die vorig jaar in Nederland werd gearresteerd op verdenking van deelname aan Jabhat al-Nusra.

Nalatigheid

De krant vindt dat Boersma driemaal nalatig was in de informatie die ze verschafte. Boersma vertelde dat er geen persoonlijke beweegredenen speelden om zich in Turkije te vestigen, zoals een relatie. Voor de krant was het belangrijk om te kunnen inschatten of het veilig was voor haar om naar Turkije te gaan. ‘Als het FD had geweten dat Ans Boersma een jaar eerder een relatie had gehad met een Syriër die via Turkije naar Nederland was gevlucht, zou dat voor het FD een belangrijke reden zijn geweest haar niet als freelance correspondent aan te trekken’, schrijft de krant.

Ten tweede stelde ze de hoofdredactie niet op de hoogte toen haar ex voor het eerst in de publiciteit kwam in november 2017, en evenmin op 30 oktober 2018, toen hij gearresteerd werd. ‘De hoofdredactie is diep teleurgesteld over haar nalatigheid. De vertrouwensrelatie is hierdoor ernstig geschaad. Om deze reden heeft het FD vrijdag aan Ans Boersma meegedeeld dat zij niet meer voor ons kan werken’, aldus de hoofdredactie.

De krant schrijft dat er geen reden is om de berichtgeving van de journaliste in vraag te stellen. ‘Het FD ziet op dit moment geen reden om aan te nemen dat de verslaggeving inhoudelijk onjuist is of om een andere reden niet voldoet aan de journalistieke standaarden van het FD’, besluit de hoofdredactie.