Inwoners fusiegemeenten moeten niet meteen naar gemeentehuis hollen
Een van de zeven nieuwe fusiegemeenten. Foto: Raymond Lemmens

De inwoners van de zeven nieuwe fusiegemeenten zullen vijf jaar de tijd hebben om hun elektronische identiteitskaart aan te passen. Dat heeft minister van Binnenlandse Zaken Pieter De Crem (CD&V) maandag bekendgemaakt.

Op 1 januari 2019 zullen bijna 200.000 inwoners ontwaken in een nieuwe gemeente. Aalter en Knesselare fuseren dan tot Aalter, Deinze en Nevele tot Deinze, Kruishoutem en Zingem tot Kruisem, Lovendegem, Waarschoot en Zomergem tot Lievegem, Meeuwen-Gruitrode en Opglabbeek tot Oudsbergen, Neerpelt en Overpelt tot Pelt, en Puurs en Sint-Amands tot Puurs-Sint-Amands.

In het kader van de fusie moet ook de elektronische identiteitskaart worden aangepast. Oorspronkelijk diende dit binnen een periode van een jaar te gebeuren. Daarop kwam kritiek van onder meer de Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten (VVSG). De maatregel zou tot een pak overlast leiden voor inwoners en gemeentebesturen. De VVSG schatte dat per fusiegemeente ongeveer één voltijdse kracht gedurende één jaar nodig was om alles te verwerken.

Minister De Crem wil die termijn optrekken naar vijf jaar. ’Deze termijn laat de besturen toe om hun dienstverlening op een beheersbare en vloeiende manier te laten verlopen en de 200.000 burgers van de fusiegemeenten niet nodeloos te belasten’, klinkt het.