Rellen in Barcelona bij protesten tegen federale ministerraad
Foto: EPA-EFE

Duizenden mensen hebben vrijdag geprotesteerd tegen een als ‘provocatie’ bestempelde zitting van de Spaanse centrale regering in Barcelona. In het centrum van de Catalaanse hoofdstad kwam het tot rellen tussen de politie en aanhangers van de separatistische beweging. Zeven demonstranten werden opgepakt.

De deelnemers aan de protesten versperden in Barcelona en andere Catalaanse regio’s straten en wegen. Ook op de snelweg AP-7 werd het verkeer urenlang stilgelegd. In Barcelona bestookten de separatisten de politie volgens mediabronnen met stenen, vuurwerk, flessen en andere voorwerpen. De deels gemaskerde mensen braken dranghekkens van de politie af, gooiden in de onmiddellijke omgeving van de Ramblas vuilcontainers op de straten en vernielden verkeerslichten en bloembakken.

Voor de openbare ordehandhaving werden meer dan 9.000 manschappen van verschillende politie-eenheden de straten van Barcelona opgestuurd. De ambtenaren sloten het voormalige beursgebouw Llotja hermetisch af. Daar kwamen de ministers van de centrale regering onder voorzitterschap van de socialistische premier Pedro Sánchez samen voor hun wekelijkse zitting, die normaliter in Madrid plaatsvindt. Enkele demonstranten riepen op tot een mars naar de Llotja.

Sánchez richt zich in het conflict in Catalonië - anders dan zijn conservatieve voorganger Mariano Rajoy - op dialoog en ontspanning. Donderdagavond had hij voor de tweede keer een ontmoeting met de separatistische regionale president Quim Torra. Na het gesprek werd in een gezamenlijk communiqué gesteld dat een ‘effectieve dialoog’ wordt nagestreefd en wordt gezocht naar een antwoord op de eisen van de Catalanen voor meer zelfbeschikking.

Een oplossing van het conflict is echter na de escalatie door het ongrondwettelijke onafhankelijkheidsreferendum van 1 oktober 2017 niet in zicht. Achttien politici en activisten werden onder andere van rebellie en verduistering van publieke gelden beschuldigd en moeten zich in de komende weken en maanden voor de rechtbank verantwoorden. Ze riskeren tot 25 jaar gevangenisstraf.