Kramp-Karrenbauer volgt Angela Merkel op als voorzitter CDU
Foto: EPA-EFE

Annegret Kramp-Karrenbauer heeft vrijdag de voorzittersverkiezingen van de Duitse CDU gewonnen. De 56-jarige haalde het van uitdagers Friedrich Merz en Jens Spahn.

Kramp-Karrenbauer volgt Angela Merkel op, die op 29 oktober vrij onverwacht had aangekondigd dat ze na achttien jaar geen kandidaat meer was om de Christen Democratische Unie te leiden. Om het voorzitterschap in de wacht te slepen had ze weliswaar twee stemrondes nodig. In de tweede stemronde haalde ze 517 van de 999 uitgebrachte stemmen, tegenover 482 voor Friedrich Merz. Jens Spahn sneuvelde al in de eerste stemronde.

Na haar overwinning sprak Kramp-Karrenbauer verzoenende taal. Zo bood ze uitdagers Merz en Spahn ook een functie aan binnen de nieuwe partijleiding. Op zijn beurt reikte Merz de hand aan Kramp-Karrenbauer door zijn aanhangers op te roepen de nieuwe partijvoorzitster te ondersteunen.

Door de nieuwe voorzitter van de CDU te worden, komt Kramp-Karrenbauer in polepositie te liggen om op termijn Merkel ook als bondskanselier op te volgen, en dus de machtigste politicus van Europa te worden. Zelf wil Merkel haar nog drie jaar durende termijn graag uitzitten, maar het is twijfelachtig of dat zal lukken. Haar wankele coalitie met de SPD en de CSU wordt geplaagd door intern gekibbel.

Poulain van Merkel

Annegret Kramp-Karrenbauer, ofwel AKK, is de poulain van Merkel. Het was de bondskanselier die in de gaten had hoe succesvol de politica in Saarland was. Aan de ene kant was AKK een vurige verdedigster van het vluchtelingenbeleid dat Merkel in 2015 voerde, aan de andere kant vocht ze om strengere controles van vluchtelingen en snellere uitwijzingen van wie de asielaanvraag was verworpen. AKK kon links en rechts in de partij verzoenen. Merkel overhaalde haar om naar Berlijn te komen. In februari werd AKK, als nieuwe secretaris-generaal van de partij, haar rechterhand. Sindsdien werd zij gezien als de kroonprinses van Merkel.

Kramp-Karrenbauer wordt tot de linkervleugel van de partij gerekend. Als minister-president van Saarland, een deelstaat waar de economische crisis serieuze wonden had geslagen, stond zij op de barricades voor een minimumloon en betere arbeidsvoorwaarden.