Vier uur op de bus: hoe houden kinderen dit vol?
Kinderrechtencommissaris Bruno Vanobbergen. Foto: Bart Dewaele

Kinderen zouden nooit langer dan twee uur per dag op een schoolbus mogen zitten, zegt kinderrechtencommissaris Bruno Vanobbergen.

Stella heeft het downsyndroom en wordt elke ochtend door de schoolbus thuis opgehaald. Ze moet al om 6.34 uur klaarstaan. ’s Avonds zou ze om 17.21 uur thuiskomen en op woensdag om 14.06 uur. Daardoor zit ze elke dag vijftig minuten langer op school dan vroeger. Sinds vorig jaar heeft De Lijn het leerlingenvervoer overgenomen en een reorganisatie brengt nu eenmaal veranderingen mee.

Alleen jammer dat de beloftes niet worden waargemaakt: Stella is al een keer pas om halfacht 's avonds thuisgekomen, terwijl de school al om halfvier gedaan is. Dat betekent dat ze vier uur lang onderweg was, zonder plasstop, eten, drinken of afleiding. Ook op woensdagmiddag maakt de bus al eens een lange omweg. Stella’s moeder contacteert de klachtenlijn van het Kinderrechtencommissariaat, omdat ze dit onaanvaardbaar vindt.

Rekbare kinderen

Hoe houden kinderen dit vol? Kinderrechtencommissaris Bruno Vanobbergen vraagt het zich af in zijn jongste jaarverslag, zijn tiende al. Titel: ‘Hoe rekbaar is een kind?’ Het is vandaag voorgesteld in het Vlaams Parlement.

‘Kinderen zouden nooit langer dan twee uur per dag op een schoolbus mogen zitten’, zegt Vanobbergen. ‘We moeten dat decretaal laten vastleggen.’

Knettergek door ruzies

Er kwamen het voorbije jaar bij de klachtenlijn 1.224 vragen, meldingen en klachten binnen. Vooral opvoedverantwoordelijken, ouders en familieleden leggen situaties voor van jongeren die dreigen vast te lopen, of al vastgelopen zijn.

Een op de drie meldingen gaat over problemen op school: vaak over pesten, maar ook veel over sancties en geweld. Sancties zijn vaak te snel te zwaar, stelt het Kinderrechtencommissariaat vast. Er werd meerdere keren met succes bemiddeld om de straf meer in overeenstemming te brengen met het bestrafte feit.

Op twee staan problemen thuis (27 procent), meestal bij vechtscheidingen. Dat is al twintig jaar een constante. Jongeren melden dat ze knettergek worden van de ruzies, of tegen hun zin naar het internaat moeten. Ouders beschuldigen elkaar ervan de hobby of de therapie van hun kind te dwarsbomen. De klachtenlijn kan vaak alleen maar doorverwijzen naar hulpverlening, of naar een advocaat.