De Belgische wet beschermt werkende mannen die meer tijd aan hun gezin willen besteden, onvoldoende. ‘Maak van ouderschap een grond van discriminatie.’

Meer dan vrouwen hebben mannen te lijden onder de huidige werkverdeling. Weliswaar  verrichten ze meer betaalde arbeid, bezetten ze meer hoge ­posities en verdienen ze nog steeds meer dan vrouwen. Maar volgens een ander criterium, het opnemen van allerlei vormen van verlof als ouder, zijn ze veel slechter af dan vrouwen.

Het Instituut voor gelijkheid van vrouwen en mannen (Instituut) meldde in 2010  dat 10 procent van de mannen problemen ondervindt bij het opnemen van vaderschapsverlof. De helft van hen wijt dat aan problemen met de werkgever. Die situatie heeft het Instituut nu, na het ontvangen van enkele meldingen, juridisch uitgepuurd. Daaruit blijkt dat de Belgische wetgeving werknemers, en vooral mannen, onvoldoende beschermt wanneer ze als vader verlof willen opnemen.

Een Europese richtlijn (2010) regelt nochtans dat werknemers die ouderschapsverlof aanvragen of opnemen, beschermd zijn tegen negatieve gevolgen van die beslissing. Maar die richtlijn is slechts gedeeltelijk overgezet naar Belgisch recht. Werknemers zijn daardoor wel beschermd tegen ontslag, maar niet tegen ‘ongunstige’ handelingen,  zoals het blokkeren van promotie of ondermijnende pesterijen.

Bovendien kun je als ouder gediscrimineerd of zelfs ontslagen worden, door alleen  informatie op te vragen over de mogelijkheden om arbeid en gezin te combineren. Wie dat meemaakt, heeft recht op een schadevergoeding van zes maanden brutoloon, maar dan moet er  juridisch sprake zijn van ‘discriminatie’.

Vrouwen kunnen zich in zo’n geval beroepen op de genderwet, die discriminatie op grond van ‘zwangerschap’, ‘moederschap’ en ‘bevalling’ veroordeelt. Mannen kunnen dat niet. ‘Vaderschap’ is geen grond van discriminatie.

‘Hoe kunnen we mannen dan aanmoedigen de gezinstaken mee op te nemen’, vraagt Liesbet Stevens, adjunct-directrice van het Instituut, zich af. Het Instituut lanceert daarom vandaag een aanbeveling aan de overheid. ‘Wanneer er klachten over discriminatie komen, kunnen we nu ­alleen optreden wanneer iemand “man” is, niet omdat hij “vader” is. Laten we daarom niet alleen ­“vaderschap” maar meteen ook “ouderschap” tot grond van discriminatie maken.’

Verplicht verlof
Het Instituut maakte ook een analyse van de Belgische verlofsystemen. Twee keer zoveel vrouwen (67 procent) maken gebruik van ouderschapsverlof als mannen, maar de interesse van die laatste groep groeit jaarlijks. Daarom stelt het voor om het ­ondoorzichtige aanbod van ver­loven, dat nu vooral de stereotypering bevestigt dat vrouwen de zorgende partner zijn,  te vereenvoudigen. Meer vrouwen op de arbeidsmarkt houden en mannen uit hun dwingende werkethiek halen, is volgens het Instituut de weg naar gendergelijkheid.

Mannen en vrouwen moeten hun geboorteverlof dus opnemen, en ‘wat je niet opneemt, ben je kwijt’: zoals in voorbeeldland Zweden, gebeurt dat het best ten dele op verplichte basis. Daar ‘plooiden’ de mannen in 1995 ­massaal, toen de wetgever besliste dat gezinnen een maand subsidies verloren als de vader geen verlof opnam.

De Gezinsbond, die vaders evenzeer wil aansporen om meer voor hun kinderen in te staan, gaat niet zo ver. ‘Niet alleen zijn mannen hier bang voor repercussies, ze blijven zelf ook steken in ouderwetse rolpatronen’, zegt Kurt Jacobs. ‘Bedrijven zijn onvoldoende geïnformeerd. Daarom vinden wij in de eerste plaats sensibilisering en informatiecampagnes hard nodig.’