Lokeren kan weer verkiezingsfeesten
De Lokerse gemeenteraard beslist hoe lang de feesten duren, en waar u mag parkeren. Foto: Geert Van de Velde
De bakermat van de Lokerse feesten, Sporting Lokeren en Lokerse paardenworsten: deze stad aan de Durme heeft veel streekproducten om trots op te zijn. Je zou er spontaan de gemeentepolitiek van vergeten.

Wat staat er op het spel?

De Oost-Vlaamse stad is een blauw-oranje bolwerk: beide partijen haalden traditioneel veel stemmen en stappen graag samen in een coalitie. Met 20 van de 33 zitjes heeft de rooms-blauwe coalitie een comfortabele meerderheid in de gemeenteraad. Open VLD trekt sinds 1994 de hoogste kaart – daarvoor deelde CD&V de lakens uit. De liberalen bezetten in het huidige college maar liefst zeven van de negen posten (inclusief de burgemeester), CD&V kreeg er twee.

Groen en SP.A trekken, net zoals in 2006 en 2012, samen naar de kiezer. N-VA probeert het alleen, en zat bij de vorige verkiezingen CD&V op hielen: ze haalde 18,29 procent (terwijl CD&V afklokte op 19,38 procent) en snoepte zo ongeveer 5 procent af van de christendemocraten. Dat zorgde ervoor dat zowel CD&V als N-VA zes zitjes verdiende in de gemeenteraad.

In theorie althans, want N-VA Lokeren werd de voorbije termijn geplaagd door interne twisten. Toppunt was de opvallende stoelendans van Marc Beuseling en Debora Schelfhout, die uiteindelijk overstapten naar Groen. Een N-VA’er vertrok naar Spanje en zijn plaatsvervanger stapte pardoes over naar Open VLD. Dat is drie jaar geleden en de voorzitter van N-VA Lokeren laat weten dat de verse ploeg te popelen staat om te bewijzen dat het deze legislatuur anders en beter kan.

Hoe heeft de vorige coalitie het er vanaf gebracht?

Over het algemeen lijken de Lokeraars tevreden met hun stadsbestuur. Burgemeester Filip Anthuenis (Open VLD) lijkt een populaire burgervader. De liberale resultaten waren de voorbije verkiezingen opvallend stabiel: zowel in 2006 als in 2012 haalden zij 37 procent van de stemmen.

Het bestuur zette voornamelijk in op een opwaardering van de binnenstad en zorgde onder meer voor een make-over van de muziekacademie. Daarnaast looft zelfs de oppositie de energie die het stadsbestuur besteedt aan de toeristische aantrekkelijkheid van de Durme. 88 procent van de inwoners zei in 2017 graag in Lokeren te wonen.

Toch klinkt ook gemor: vooral de vele verkavelingen kunnen op kritiek van burgers en oppositie rekenen. Nieuwe Lokeraars zijn welkom, klinkt het bij SP.A-Groen, maar dan moet wel doordacht omgegaan worden met de open(bare) ruimte. Rechts zet dan weer in op veiligheid: N-VA Lokeren stelt dat het zero tolerance-beleid in de stad onvoldoende streng wordt ingevuld.

Waarom zouden kiezers een nieuwe meerderheid in het zadel helpen?

In de oppositie is het kiezen tussen links (met een kartel tussen SP.A en Groen) en rechts (met N-VA en een verwaarloosbaar Vlaams Belang). Bij links zien we meerdere opvallende figuren: twee ex-N-VA’ers, Björn Rzoska (fractieleider van Groen in het Vlaams Parlement) en enkele schrijvers voor de Asgranten, het satirische tijdschrift van de Lokerse Feesten. Rechts zien we een jonge ploeg met enkele nieuwe gezichten (niet verwonderlijk na de verschuivingen van de laatste jaren).

Een overwinning van de oppositie zou verrassend zijn, in een stad die al jaren blauw-oranje (of oranje-blauw) kleurt, maar niet ongehoord. Misschien heeft de kiezer wel genoeg van de hegemonie van de familie Anthuenis: vader Georges en zoon Filip dragen sinds 1995 de sjerp. Tijd voor een regimewissel?

Waarom moet ook de rest van Vlaanderen uitkijken naar de uitslag in Lokeren?

De Lokerse Feesten natuurlijk! De gemeente beslist waar u mag parkeren, hoelang de festiviteiten duren en hoe hoog uw GAS-boete voor geluidsoverlast is, en kan zo rechtstreeks invloed uitoefenen op uw humeur.

In de Strijd om de Stad fileert de redactie van De Standaard in woord en beeld waar het bij de verkiezingen echt om draait in alle Vlaamse steden en Brussel.