Experten Strafrechtcommissie minister Geens nemen ontslag
Foto: Yorick Jansens

De twee experten die voor minister van Justitie Koen Geens (CD&V) de hervorming van het Strafwetboek moesten voorbereiden, hebben hun ontslag aangeboden. Ze hekelen de ingrijpende politieke wijzigingen die aan hun ontwerptekst zijn aangebracht, waardoor er volgens hen te veel gevangenisstraffen zullen worden uitgesproken.

Omdat het Belgisch Strafwetboek nog van 1867 dateert, willen minister Geens en de federale regering de wetgeving ‘accurater, eenvoudiger en coherenter’ maken. Eind 2015 werd daarom de Strafrechtcommissie opgericht, die zich moest buigen over de modernisering van Boek I van het Strafwetboek, met de algemene principes van het strafrecht. Boek II, waarin de misdrijven en hun bestraffing staan opgesomd, werd door een andere commissie - de Strafprocesrechtcommissie - voorbereid.

Toen vlak voor het recente zomerreces na Boek I ook Boek II door de federale regering werd goedgekeurd, konden experten hoogleraar Joëlle Rozie (UA) en advocaat-generaal bij het Hof van Cassatie Damien Vandermeersch zwart op wit lezen hoe hun voorbereidende werk politiek werd vertaald.

De experts vinden in de tekst elementen terug die ‘volledig in strijd zijn met de krachtlijnen en de uitgangspunten die werden verondersteld het fundament van een nieuw Strafwetboek uit te maken’. Een en ander zal er volgens Rozie en Vandermeersch toe leiden dat de vrijheidsstraf niet langer als uiterste middel (‘ultimum remedium’) wordt beschouwd, maar opnieuw een centrale rol dreigt in te nemen, ‘wat een exponentiële toevlucht naar de gevangenis dreigt te impliceren’.

Iedereen dezelfde gunstmaatregel?

Twee concrete elementen die de twee experten tegen de borst stuiten, zijn dat de gevangenisstraf mogelijk zou worden voor alle misdrijven zonder enige uitzondering en dat de regering recidivisten pas na twee derde van hun straf de mogelijkheid voor een voorwaardelijke invrijheidsstelling wil bieden. Nochtans oordeelde het Grondwettelijk Hof eerder al dat alle gedetineerden dezelfde gunstmaatregel moeten kunnen krijgen. De regel is dat gevangenen na een derde van hun straf voorwaardelijk kunnen vrijkomen.

Rozie en Vandermeersch begrijpen dat er in de politiek compromissen moeten worden gesloten, maar zeggen dat de finale teksten ‘haaks staan op de wetenschappelijke literatuur en de adviezen van talrijke experten’. Ze kunnen dan ook alleen maar vaststellen dat ze er niet in geslaagd zijn de regering te overtuigen van een reeks wetenschappelijk onderbouwde uitgangspunten, vooral wat betreft de gevangenisstraffen en de recidive. De hele hervorming van het Strafwetboek druist bovendien ook in tegen hun overtuigingen ‘als mens’.

Daarom hebben ze de minister meegedeeld dat ze een punt zetten achter hun aanstelling als expert. Het ontslag dateert al van 23 augustus, maar Rozie en Vandermeersch maakten het maandag pas bekend.

Geens: ‘Wijzigingen zijn beperkt’

Minister Geens betreurt intussen dat Rozie en Vandermeersch ontslag genomen hebben uit de Strafrechtcommissie. Volgens de minister heeft de regering hun voorontwerp slechts ‘beperkt’ gewijzigd. Daarom nam hij naar eigen zeggen met spijt kennis van het ontslag

‘Er is nood aan een modern wetboek dat accuraat, coherent en eenvoudig is’, aldus nog Geens. Hij betoogt wel dat er ‘een verschil blijft tussen een wetenschappelijk project en een regeringsvoorstel’.