‘Schoenen van Chanel, maar geen loon’: pijnlijke werkomstandigheden in de modewereld blootgelegd
Foto: EPA-EFE

Stilistes die betaald worden in designer handtassen, maar te weinig geld hebben om een appartement te huren. Ontwerpers die voor een laag loon of zelfs zonder werken, maar ‘blij mogen zijn dat ze werk hebben’. De modewereld lijkt glamoureus, maar de werkomstandigheden zijn dat minder. De Franse antropologe Giulia Mensitieri schreef er een doctoraat over, uitgegeven als het boek Het mooiste beroep ter wereld.

Mensitieri kwam acht jaar geleden Mia tegen, een succesvolle Italiaanse stiliste die in Parijs woonde. ‘Ze droeg schoenen van Chanel en een tas van Prada en werd rond de wereld gevlogen in business class.’ Maar in werkelijkheid had Mia zelfs te weinig geld om een appartementje te huren: ze sliep op de zetel bij een vriendin, achter een scherm in de keuken.

‘Soms had ze geen geld voor haar telefoonrekening’, vertelt Mensitieri aan de Britse krant The Guardian. ‘Ze wist nooit wanneer en of ze betaald ging worden. Soms gaf een luxemerk haar een voucher van 5.000 euro om in hun boetiek te shoppen. Haar situatie is niet eens uitzonderlijk.’

Voor haar doctoraat praatte Mensitieri met vijftig mensen uit de modewereld en het verhaal van Mia bleek geen uitzondering. ‘Bij uitbuiting in de modewereld denken we aan sweatshops of aan modellen die seksueel benaderd worden. Maar dit is de creatieve kant; stilisten, make-upartiesten, ontwerpers, stagiaires, assistenten. De uitbuiting bestaat in het economisch hart van deze sector: bij de grote modehuizen.’

‘Werken voor geld is vulgair’

‘De boodschap is: je hoeft niet betaald te worden, want je mag al blij zijn dat je hier bent. Er wordt gezwegen over de werkomstandigheden. De modewereld presenteert zichzelf als een uitzonderlijke wereld, ver weg van het alledaagse. Iets als “werken voor geld” wordt als banaal, zelfs vulgair, beschouwd. En zelfs als je niet betaald wordt, is het prestige groot. In Frankrijk is het bijvoorbeeld heel belangrijk om te kunnen zeggen dat je in de modewereld werkt.’

De persoonlijkheidscultus rond de grote ontwerpers draagt ook bij: wie voor hen werkt en weinig betaald wordt, vergoelijkt dat door te zeggen: 'maar hij is een genie!'. En er is de hoop op de jackpot, want de creatieve directeurs van grote modelabels verdienen wél miljoenen per jaar. ‘Ik noem het de economie van de hoop’, zegt Mensitieri. ‘Denken dat je de volgende kan zijn, hoewel de kans statistisch bijzonder klein is.’

Critici klagen dat Mensitieri maar vijftig mensen heeft geïnterviewd voor haar boek, en allemaal anoniem - cijfers over de arbeidsomstandigheden bestaan niet. Jean Paul Gaultier is de enige grote naam die reageerde: ‘De modewereld is als een familie’, waaide hij de kritiek weg . Anderen citeren Karl Lagerfeld, die ooit zei: ‘Mode is één en al oneerlijkheid. Het is niet anders.’ ‘Maar niemand,’ zegt Mensitieri, ‘is me komen zeggen dat wat ik geschreven heb, niet waar is.’