De everzwijnen die recentelijk opduiken in tuinen nabij natuurparken, mogen niet zomaar neerschoten worden. Maar er zijn wel degelijk alternatieven.

In Limburg zijn er deze dagen everzwijnen te zien op plaatsen waar ze niet horen. Ze duiken op in woonbuurten rond natuurparken en vreten alles op dat op hun pad komt. De tuinen waar ze zijn langs geweest liggen er verwoest bij. Op TV Limburg liet Paula, een oudere dame uit Genk, gisteren haar ‘omgespitte’ tuin zien.

‘Everzwijnen zijn geen kieskeurige eters’, staat te lezen op de website van het Vlaamse Agentschap voor Natuur en Bos. ‘De dieren zijn voortdurend op zoek naar lekkere hapjes en vinden die ook in je tuin of op je akker. Ze woelen in graslanden, plunderen maïs- en graanvelden en laten hun eetplek zelden netjes achter.’

Een omheining plaatsen kan een oplossing zijn. Maar die moet minstens één meter hoog zijn, het gaas moet minstens twee millimeter dik zijn, de openingen mogen niet groter zijn dan 10 centimeter en de omheining moet zeker 20 centimeter worden ingegraven. Maar volgens het Agentschap voor Natuur en Bos zijn er ook minder drastische maatregelen om everzwijnen uit uw tuin te weren.

Als eerste kan u best de oogst van uw moestuin of uw fruitboom verwijderen. Zo valt er voor everzwijnen niets meer te rapen. Deze oplossing kost u niets. Een andere maatregel is de vogelverschrikker. Al is het afschrikkende effect bij zwijnen een pak kleiner dan bij vogels. Daarom laat u de pop best bewegen. Met een opblaasbare pop die meebeweegt met de wind komt u al een heel eind. Er zijn ook opblaaspoppen die om het kwartier opleven.

Daarnaast schrikken dieren van licht en geluid. Flikkerend licht en vreemde geluiden, bijvoorbeeld geschreeuw van natuurlijke vijanden, jagen dieren doeltreffend de tuin uit. Ook een gaskanon blijkt zijn dienst al bewezen te hebben. Maak wel dat je goede afspraken maakt met je buren, want die knal je wellicht ’s nachts meermaals wakker.

Ook al zijn er verschillende manier om dieren de tuin om te leiden, ze raken daar na verloop van tijd hoe dan ook aan gewend. Voldoende afwisselen is dus de boodschap.