Jan De Nul ontkent betrokkenheid bij Argentijns omkoopschandaal
Het baggerschip Pompei van Jan De Nul Foto: BELGA

Baggerbedrijf Jan De Nul ontkent dat het zelf betrokken is bij een omkoopschandaal in Argentinië waarin de topman van een partnerbedrijf smeergeld zou hebben betaald voor een contractverlenging.

‘We betreuren dat een van onze partners op die manier in opspraak komt. We zullen onze volledige medewerking verlenen mochten er vragen komen van het Argentijnse gerecht’, meldt het bedrijf in een persbericht.

De zaak draait rond Hidrovía, een joint venture van Jan De Nul (50 procent) en het Argentijnse bedrijf Emepa (50 procent). Hidrovía kreeg in 1995 na een openbare aanbesteding de concessie voor de baggerwerken en tolheffing op de Paranà-rivier.

De voorbije weken verschenen in de Argentijnse pers een reeks omkopingsverhalen rond diverse leden van vorige regeringen en spelers uit het bedrijfsleven. Daarbij dook ook de naam Emepa op. De ceo van dat bedrijf, Gabriel Romero, zou in 2010 smeergeld hebben betaald om een contractverlenging voor Hidrovía te laten ratificeren door toenmalig presidente Cristina Fernández de Kirchner.

Volgens Jan De Nul is het omkopingsverhaal een zaak van de partner. De baggeraar zegt dat Gabriel Romero en een van zijn directeuren werden ondervraagd door de politie, en dat er een huiszoeking is geweest in hun kantoren in Buenos Aires. ‘Er zijn geen aanhoudingen of dagvaardingen geweest van medewerkers van Jan De Nul’, benadrukt het baggerbedrijf.

Acht schriftjes

Het corruptieschandaal beroert al enkele weken de gemoederen in het Zuid-Amerikaanse land. De zaak kwam aan het licht dankzij de chauffeur van de minister van Planning in de regering van president Kirchner. Hij had jarenlang notities bijgehouden - in totaal acht schriftjes - over het ophalen van mogelijke steekpenningen. Als gevolg van de affaire zijn al een twintigtal gewezen medewerkers van ex-president Cristina Kirchner en verschillende zakenmensen opgepakt.

Gabriel Romero, de topman van de Jan De Nul-partner Emepa, zou volgens de Argentijnse kranten Clarín en La Nación hebben toegegeven dat hij acht jaar geleden 600.000 dollar smeergeld heeft betaald om het contract van Hidrovía zonder aanbesteding te laten verlengen tot 2021. Dat contract biedt de joint venture ook de mogelijkheid om een tolheffing op te leggen aan alle schepen op de Paranà, in ruil voor het uitbaggeren van de rivier. Zowat twintig procent van het internationaal goederentransport in Argentinië gebeurt via die rivier.