Sophie: Een glimp op Sophie’s world
Foto: Pukkelpop
Een ‘whole new world’ kondigde Sophie aan terwijl ze de Castello in een bevreemdend, bubbelend elektronicabad onderdompelde. Synths werden verhakkeld door glycerinebommetjes met verwrongen beats, alsof je in een botsautopark aan het einde van de Styx terecht was gekomen. Het is een van de meest intrigerende tracks op haar pas verschenen debuut, Oil of every pearl’s un-insides, waarop de Schotse voor het eerst zelf zingt én openbloeit als de vrouw die ze altijd had willen zijn.

Achter de überhippe producer gaat Samuel Long schuil, die een paar jaar terug zijn neus aan het venster met snelle, kaalgeschraapte elektropopsongs. Daarna mocht hij, en ondertussen dus zij, tracks van Charli XCX en Madonna onder handen nemen. En die rauwe elektronica van Vince Staples’ ‘Yeah right’? Getekend Sophie. Maar zelf wikkelde ze zich altijd in een waas van mysterie. Tot nu.

Jammer dat je op Pukkelpop enkel een glimp op de contouren van haar kapsel en de silhouet van haar jurk kreeg, haar elektronicalabo bleef de hele tijd gehuld in duister. Ze had ook geen band mee die de futuristische popsongs van haar debuut tot leven kon brengen. Sophie draaide aan knopjes, vertimmerde duchtig haar nummers en gooide er geregeld een flinke housebeat onder tot jolijt van de danslustigen die van de Boiler Room waren afgezakt.

Finale extase

Een fraaie verleidingstruc, waarna ze hen vast weer de tent uitjoeg met monsterlijk vervormde vrouwenstemmen, avant-gardistisch gefreak en donkere subbassen die volgens de man links van ons ‘goed waren voor de spijsvertering’. 

Culthitje ‘Take me to Dubai’ liet ze plagend telkens weer uit elkaar brokkelen, maar met ‘Immaterial’, waarin ze de bouwstenen van Madonna’s classic ‘Material girl’ door elkaar gooide, bracht ze iedereen finaal in extase. Fijn, maar volgende keer willen we écht een mens van vlees en bloed zien.