Sudan Archives: Ingeborg in de coulissen
Foto: Maarten De Bouw
Een beetje hippe popster vaart wel bij wat theatraliteit en een weloverwogen vestimentaire keuze, moet Sudan Archives gedacht hebben. Het nieuwe Amerikaanse snoepje van de indie-r&b had zich in de Castello in een hagelwitte pantalon en bikini gehuld, waarrond ze een laken drapeerde dat ze uit een Romeinse tempel leek te hebben ontvreemd.

Een beetje hippe popster vaart wel bij wat theatraliteit en een weloverwogen vestimentaire keuze, moet Sudan Archives gedacht hebben. Het nieuwe Amerikaanse snoepje van de indie-r&b had zich in de Castello in een hagelwitte pantalon en bikini gehuld, waarrond ze een laken drapeerde dat ze uit een Romeinse tempel leek te hebben ontvreemd.

Toen ze op de etherische viooltonen die haar concert wat saaiig inluidden een sierlijke zonnechant begon op te voeren, verwachtten we elk moment dat Ingeborg uit de coulissen zou springen om haar chakra bij te spijkeren.

In de plaats kwam, gelukkig, een vette beat die de zweverige vioollikjes bij het nekvel greep. Brittney Parks, zoals Sudan Archives echt heet, is geen klassiek geschoolde violiste, maar heeft veel opgepikt van West-Afrikaanse fiddlespelers en r&b-vernieuwers genre FKA twigs, stoeit even vrolijk met zinderende dubstep als met spirituele songs uit de Sub-Sahara. Met een loopstation, sampler, micro en viool klutste ze het allemaal onbeschroomd door elkaar.

Chakra in balans

Jammer dat ze geen band bij had, want daardoor klonk haar uitdagende avant-r&b nog wat eendimensionaal en minder catchy. Wanneer de puzzelstukjes wel goed in elkaar pasten, schotelde Parks je immers best hypnotiserend spul voor. Zoals in ‘Nont for sale’, een schreeuw om vrijheid die ze schreef na een trip naar Ghana en waarin ze rapte op een diep zoemende baslijn die je heupen als vanzelf in beweging bracht. Of het met haar lijzige soulstem bedwelmde culthitje ‘Come meh way’, met zijn zwierig geloopte oosterse viool en knisperige elektronische percussiesamples.

Sudan Archvives’ toekomst ligt wellicht in strakkere tracks als ‘Sink’ van haar gelijknamige ep, waarin ze de donkere elektronische grooves wat meer uitspeelde en haar soms iets te opzichtig kirrende viool wat strakker in de pas liet lopen. Wat nu voorgeschoteld kregen, was nog te embryonaal. Onze chakra was wel weer in evenwicht, dat wel.