Slachtoffer Gentse verkrachter geschokt: 'Hij zal nog levens verpesten'
Foto: Kioni Papadopoulos
‘Mijn grootste vrees is werkelijkheid geworden’, zegt Katrien, die in 2014 verkracht werd. De dader kreeg slechts een geldboete. Twee jaar later vergreep hij zich opnieuw aan een vrouw. Opnieuw krijgt hij nauwelijks straf.

‘Ik ben verdrietig, teleurgesteld, maar vooral boos, sinds ik weet dat hij opnieuw een vrouw misbruikt heeft. Ik wou me eerst afsluiten van de hele zaak maar ik heb besloten om toch te praten. Voor dat andere slachtoffer, en om te verhinderen dat er nog slachtoffers vallen.’

In december 2014, vlak voor Kerstmis, ging Katrien langs in de Gentse radiostudio waar J.V. (36) plaatjes draaide, omdat ze zijn printer wilde overkopen. Tijdens een liveshow greep hij haar vast en verkrachtte hij haar, hoewel ze tot zeven keer ‘Neen’ riep.

Dat J.V. in januari 2016 daarvoor opschorting van uitspraak kreeg, zorgde voor heel wat commotie. Volgens de Gentse rechtbank had de man ‘de signalen fout geïnterpreteerd’. Organisaties zoals de Vrouwenraad reageerden verbolgen, en minister van Justitie Koen Geens (CD&V) opperde even het idee dat rechters geen opschorting meer zouden mogen uitspreken bij verkrachtings­zaken. Dinsdag werd de dj een tweede keer veroordeeld, opnieuw voor de verkrachting van een jonge vrouw, in mei 2016. In Kortrijk kreeg hij twintig maanden, grotendeels met uitstel. Alleen de maanden die hij in voorhechtenis doorbracht, zijn effectief. De man kreeg ook een alcohol- en drugsverbod.

‘Hij heeft me twee jaar geleden recht in de ogen gekeken en hij heeft zich verontschuldigd’, zegt Katrien. ‘Hij heeft gezien hoe het mijn leven naar de vaantjes heeft geholpen. Zo iemand is gevaarlijk.’

‘Mijn naïviteit is weg’

Maar ze is vooral boos op justitie. Toen de commotie over het vonnis losbrak, in 2016, hield ze zich nog op de achtergrond. ‘Ik geloofde in de goedheid van de mens en ik dacht dat het een eenmalige uitschuiver van hem was. Bovendien vroeg ik me, zoals elk slachtoffer, af of ik misschien zelf schuld droeg.’

‘Die naïviteit is nu weg, ook dankzij de therapie. Ik weet dat alleen hij verantwoordelijk is. Hij kan zijn impulsen niet controleren. Ik heb gezien hoe hij een dier werd, en ik besef nu dat het vonnis niet eerlijk was. Mijn grootste vrees, dat hij het opnieuw zou doen, is werkelijkheid geworden. Ik heb het gevoel dat ik tekortgeschoten ben tegenover dit slachtoffer. Vroeger dacht ik dat mensen opsluiten niet helpt. Nu denk ik: misschien wel. Maar hij moet doelgerichte therapie krijgen. Niet een vrijblijvende behandeling, waarbij je af en toe eens gecontroleerd wordt. Ik ben bang dat het nog eens zal gebeuren, dat er nog levens verpest zullen worden. Dat hij nu opnieuw een voorwaardelijke straf krijgt: welk signaal is dat aan de samenleving? Deze straf had hij al in eerste instantie, in Gent, moeten krijgen.’

Francis De Decker, de advocaat van J.V., wil ‘op uitdrukkelijke vraag van mijn cliënt’ niet reageren.