De Italiaanse regering heeft de ‘noodtoestand’ voor twaalf maanden uitgeroepen in Genua. Dat heeft premier Giuseppe Conte bekendgemaakt. Daardoor kan er vijf miljoen euro uit het nationale noodfonds worden vrijgemaakt voor snelle noodhulp. Bij de instorting van een viaduct in Genua zijn minstens 42 mensen om het leven gekomen.

De aankondiging volgde na een extra bijeenkomst van de ministerraad in Genua. 'Om snel te kunnen helpen, hebben we 5 miljoen vrijgemaakt uit het noodhulpfonds. Het is een eerste maatregel van de overheid na de ramp', zei Conte. Door de noodtoestand aan te kondigen neemt de regering zelf de afhandeling van de ramp in handen. 

De Italiaanse regering kondigde ook een dag van nationale rouw aan. Het is nog niet duidelijk wanneer die gepland wordt, maar die zou zoveel mogelijk moeten samenvallen met de begrafenis van de slachtoffers. Het aantal slachtoffers liep ondertussen op tot meer dan veertig, waaronder ook enkele kinderen.

Instorting

In Genua stortte dinsdag de Morandi-brug in, een viaduct met vier rijvakken die over de rivier Polcevera loopt. Op het moment van de instorting reden volgens Angelo Borrelli, hoofd van de Civiele Bescherming, 30 tot 35 wagens en drie zware voertuigen op de brug. Er vielen al meer dan veertig doden, een tiental mensen werd levend van onder het puin gehaald.