De zomer van 1540 de warmste ooit? Allicht niet

Deze zomer is al uitzonderlijk heet geweest. Toch was niet deze zomer maar ‘die van 1540’ de warmste ooit, schrijft stad Amsterdam in haar nieuwsblog. Klimaatexpert Pieter Boussemaere denkt er het zijne van: ‘De temperatuur kon nog lang niet gemeten worden. Zulke analyses zijn ronduit belachelijk.’

Het jaar 1540 ging de geschiedenis in als het Grote Zonnejaar. Uitgerekend die bloedhete zomer bracht Keizer Karel V, de keizer van de Lage Landen, de stad Amsterdam voor het eerst een bezoekje.

‘Op 13 augustus 1540 arriveert hij in Amsterdam. Hij treft onze stad op haar allerslechtst.’ Dat staat te lezen in het dagboek dat werd bijgehouden door een kapelaan (een priester, nvdr.) uit het Nederlandse Limburg, waaruit de nieuwsblog citeert.

‘Heel Europa zucht dat jaar maandenlang onder hitte en droogte’, schrijft de kapelaan. ‘De oogst is mislukt, drinkwater is nauwelijks te krijgen en ziektes tieren welig. Veel Amsterdammers bezwijken aan een zonnesteek, hartaanval of verontreinigd drinkwater. De boeren vallen neer tijdens het maaien.’

Het water is niet te drinken

De dramatische beschrijving maakt 1540 echter nog niet tot de warmste zomer ooit, stelt Pieter Boussemaere, docent Geschiedenis en Klimaat aan de Kortrijkse Vives Hogeschool. ‘Ik heb al veel bronnen uit die tijd geanalyseerd en weet uit ervaring dat ze graag overdrijven. De kans is veel groter dat er hier en daar een landbouwer stierf omdat ze verplicht werden door hun lokale heer om de hele dag door te werken zonder voldoende pauzes en water, dan door de hitte.’

‘Voldoende rusten en drinken zijn nu net zaken waar weerman Frank Deboosere voortdurend terecht op hamert bij dergelijke temperaturen. In die tijd was er geen Frank Deboosere.’

De stad stinkt

Uit het dagboek van de priester blijkt ook dat het water erg onhygiënisch en onsmakelijk was. ‘De grachten zijn een open riool waar zelfs slachtafval in geloosd wordt’, klinkt het. ‘De stank is normaal al niet te harden, maar nu is het vele malen erger.’

Ook dat argument voor een hete zomer houdt geen steek, vindt Boussemaere. ‘Toen was er van afvalverwerking laat staan waterzuivering nog lang geen sprake. Berichten over stank en dergelijke zijn dus vooral te wijten aan toenmalige technieken, of aan het gebrek daaraan.’

Keizer Karel V houdt het voor bekeken

Wat wel vaststaat, is dat Keizer Karel V in die beruchte zomer van 1540 ziek werd door de onhygiënische levensomstandigheden tijdens zijn verblijf in Amsterdam. Toen bleek dat er ook nog eens nauwelijks drinkbaar water te vinden was in de stad, hield hij het voor bekeken. Na minder dan vierentwintig uur stond de keizer weer in zijn thuisstad, Gent. In Amsterdam zou hij nooit meer voet aan wal zetten.