Organisatoren Binckbank Tour verwachten open strijd voor eindzege in veertiende editie
Foto: BELGA

In het Nederlandse Venray werd woensdag de 14e editie van de BinckBankTour (WT) voorgesteld. Op de voorlopige deelnemerslijst staan namen als Belgisch kampioen Yves Lampaert en tweevoudig eindlaureaat Tim Wellens. Ook Niki Terpstra, Fabio Jakobsen, Dylan Groenewegen, Marcel Kittel en Michael Valgren Andersen worden aan de start verwacht. Een uitgesproken favoriet op de eindzege is er niet. De organisatoren verwachten een open strijd voor de eindzege.

De BinckBank Tour wordt maandag 13 augustus op gang geschoten in Heerenveen. In die eerste etappe gaat het in een lus naar Bolsward waar na 116,7 kilometer drie plaatselijke ronden worden afwerkt van elk 20,2 kilometer lang. Daags nadien trekken de renners naar Venray voor een individuele tijdrit van 12,7 kilometer. De derde etappe wordt over Belgische bodem gereden. Vanuit Aalter gaat het naar Eeklo, Zelzate, Lochristi, Lokeren, Temse, Willebroek, Mechelen om zo via Wilrijk Antwerpen aan te doen. Op de Deguinlei liggen nog twee plaatselijke ronden van elk 12,8 kilometer te wachten.

Blankenberge is dan weer gaststad voor de vierde rit van de BinckBank Tour. De renners blijven die dag in de provincie West-Vlaanderen. Passages in onder meer Jabbeke, Gistel, Ichtegem, Torhout en Koolskamp worden na 135,5 kilometer gevolgd door de twee plaatselijke omlopen van 15,4 kilometer. Op vrijdag gaat het van Sint-Pieters-Leeuw naar Lanaken in de op één na langste etappe van deze Belgisch-Nederlandse rittenkoers.

Vanuit Riemst wordt op de voorlaatste dag koers gezet naar het Nederlandse Sittard. De BinckBank Tour wordt traditioneel afgesloten in Geraardsbergen. De start van deze laatste rit wordt gegeven in Lacs de l’Eau D’Heure. Op de Vesten worden drie plaatselijke ronden aangesneden van elk 25,6 kilometer met daarbij telkens de beklimming van de Muur en de Bosberg.

Vorig jaar ging de eindzege er naar de Nederlander Tom Dumoulin. Hij haalde het toen met 17 seconden voorsprong op Tim Wellens en 46 seconden op Jasper Stuyven.