Tim Brys en Niels Van Zandweghe eindigen vierde op EK: “Onze beste jaren moeten nog komen”
Foto: BELGA

Zelfs vergrijsde volgers konden zich niet herinneren dat België ooit een Europese medaille had veroverd in de dubbeltwee lichtgewichten. Ook gisteren geraakte dat gat niet gevuld. Het duo Tim Brys/Niels Van Zandweghe reikte naar brons, maar strandde op de vierde plaats.

Geen onverwacht resultaat, aangezien België drie landen moesten laten voorgaan die ze nog nooit geklopt hadden: Noorwegen, Ierland en Italië. “Eigenlijk hebben wij ons wedstrijdplan goed kunnen uitvoeren”, sprak Tim Brys. “Als we bij de start met onze Noorse buren zouden meegegaan zijn, zouden we ons opgeblazen hebben. Ierland, zoals tijdens de halve finale, zou een betere buur geweest zijn. We hebben rond de 1000 meter nog een extra push gegeven, maar kwamen net te kort. Wat kan ik zeggen? Net niet goed genoeg, jammer.”

Niels Van Zandweghe vulde aan: “Een vierde plaats zorgt natuurlijk altijd voor gemengde gevoelens. We weten nu ook waaraan we nog moeten werken, zodat we in de volgende topconfrontaties wel op het podium belanden. We moeten met name nog kracht bijwinnen, als we ons vergelijken met de besten. Op die manier kunnen we onze start nog verbeteren en ook onze tweede 500 meter. Daar verliezen we net iets te veel. Die andere mannen beschikken over meer fond. Geen probleem, Tim en ik zijn toch trainingsbeesten. En we hebben vooral nog onze leeftijd mee. Onze beste jaren moeten nog komen. Nu wil ik vooral op mijn bed gaan liggen, om wat te bekomen. Na al die jaren weet ik: de grote klop moet nog komen.”

Tim Brys en Niels Van Zandweghe eindigen vierde op EK: “Onze beste jaren moeten nog komen”
Foto: BELGA

Vanaf 8 september volgt in Bulgarije met het WK de allerbelangrijkste afspraak van het seizoen. Nog verderop wacht het grote moment, de Spelen van Tokio 2020, het absolute hoogtepunt van de atleet die in medialuwte en sponsorschaarste opereert. Tim Brys: “Ik neem hieruit mee dat we bij de beste horen. Dat motiveert om de volgende jaren te blijven werken. Met inderdaad Tokio als einddoel.”