Meyrem Almaci: ‘De mens is 99 procent van zijn leven een loser’
Foto: Gert Jochems
Een volbloed politica en een strafpleiter die nooit met pensioen zal gaan, zitten twaalf uur met elkaar aan tafel. Ze delen oprechtheid en gedrevenheid, maar spreken op een andere golflengte. Af en toe lijkt het alsof ze zich zelfs in een andere ether bevinden. ‘Ik praat over mijn moeilijke jeugd en jij over de lage rente.’

Dat hij geschrokken is, laat strafrechtadvocaat Joris Van Cauter (43) zich ontvallen als hij na een lange nacht bij het haardvuur als eerste aan het ontbijt verschijnt. Over het ‘politiek beest’ dat Groen-voorzitter Meyrem Almaci (42) is. ‘Spreek over eender welk onderwerp en ze gaat terug naar haar partijprogramma. Dat is wellicht wat een politicus moet kunnen: stellig poneren.’ Het is onduidelijk of hij het als compliment of verwijt bedoelt.

Zaterdag leest u in dS Weekblad het dubbelinterview met Joris Van Cauter en Meyrem Almaci. Hieronder leest u alvast een voorproefje.

Dit kunnen we alvast verklappen: vrienden voor het leven zijn Van Cauter en Almaci in Villa Hellebosch niet geworden. Maar ze houden van een discussie op niveau. Bij Almaci spat het idealisme eraf. Ze noemt het ‘een vuur dat in mij brandt’, de wil om onrechtvaardigheden bij te sturen en recht te zetten.

Van Cauter: ‘Ik ben wantrouwig tegenover mensen die zeggen uit idealisme te handelen. Au fond doe ik mijn job gewoon graag. En dat ik er soms iets goeds mee doe, is een neveneffect. Ik kan me niet voordoen als idealist. Geef ik de onmondigen een stem? Je zou het zo kunnen zien. Maar eigenlijk ben ik gewoon graag een contraire mens. Ik vergenoeg mij in dat intellectueel juridisch schaakspel dat een rechtszaak is.’

Almaci: ‘Je kan het toch niet volhouden als je er niet in gelooft. Maar ja, ik ben ook anti-autoritair en contrair, laat daar geen misverstand over bestaan. En een ongelooflijke doorzetter.’

Van Cauter: ‘Dat is onze karakteriële afwijking. Als je er het woord idealisme op plakt, beschouw je het als een kwaliteit. Terwijl het misschien gewoon een vervelende karaktertrek is.’

Almaci: ‘Ik heb nog nooit een moment meegemaakt in mijn leven dat ik niet hard heb moeten vechten. En als ik niets heb om voor te vechten, dan zoek ik wel iets.’

Groen stapt opvallend zelfverzekerd naar de gemeenteraadsverkiezingen. ‘We moeten zeker double digits halen in de steden.’ Jullie gaan winnen? ‘Wij staan hier en wij gaan niet weg, dat is onze boodschap. Dat verhaal van winnaars en losers in de politiek, daar krijg ik echt de wubbes van. De mens is 99 procent van zijn leven een loser.’

Van Cauter zegt altijd sympathie te hebben voor de underdog. Nochtans lijkt zijn voorkeur als advocaat eerder uit te gaan naar daders dan naar slachtoffers, merken we op. ‘Dat bedoel ik. Ik vind het belangrijk om een stem te geven aan mannen of vrouwen die het minst geliefd zijn, tegen wie iedereen tegen is. Of daar een zekere mate van vereenzelviging in meespeelt? Dat zou kunnen. In mijn jeugd heb ik in een positie gezeten waarin ik was opgegeven. Mijn schoolverleden heeft er diep ingehakt.’

‘Ik heb drie scholen gedaan, heb twee keer gedubbeld. Dat doet iets met een mens hoor, dat laat sporen na. Je bent niets, in de ogen van anderen, maar ook in je eigen ogen. Ik heb me zeer alleen en onbegrepen gevoeld. Ik heb geen gelukkige jeugd gehad. Vandaar dat ik het kan opnemen voor mensen die ook opgegeven zijn. Hoe meer je zelf geleden hebt, hoe beter je wordt als advocaat. Het is geen beroep om uit te oefenen als je leven over rozenblaadjes is gelopen.’

De weg die u hebt afgelegd, heeft u toch ook gemaakt tot wie u vandaag bent.

Almaci: ‘Ik wil vechten voor de mensen wier leven statistisch al is uitgetekend, en er niet zo fraai uitziet. Ik wil dat ook andere mensen de goede kanten van het leven ervaren. En daar zijn structurele veranderingen voor nodig. Ook in hoe we omgaan met de planeet. Als we zo verdergaan, zullen we de geschiedenis ingaan als de generatie met de meest onverantwoorde politici ooit. De federale regering verkwanselt zoveel kansen, en dat in een gunstige conjunctuur met lage rentevoeten.’

‘Ik praat over mijn moeilijke jeugd en jij over de lage rente’, merkt Van Cauter lachend op. Almaci zegt niet graag over zichzelf te praten. Bovendien: haar jeugd was niet ongelukkig. ‘Ik had een heel warm thuis.’

De volledige aflevering van Villa Hellebosch met Joris Van Cauter en Meyrem Almaci leest u zaterdag in dS Weekblad en op standaard.be.