Blind Getrouwd kan blijven voortbestaan
Twee deelnemers van Blind Getrouwd, Lieve en Aljosja, staan hier aan het begin van hun tv-carrière. Foto: vtm
Het televisieprogramma ‘Blind Getrouwd’ overtreedt de wet op de huwelijksbemiddeling niet en kan blijven voortbestaan. Dat besluit een onderzoek dat minister van Werk Kris Peeters (CD&V) liet uitvoeren.

Minister van Justitie Koen Geens (CD&V) werd in september in de Kamer op de rooster gelegd over het concept van ‘Blind Getrouwd’. In dat VTM-programma brengt een team van experten een aantal alleenstaande mannen en vrouwen samen. De koppels moeten meteen trouwen, zonder mekaar op voorhand gezien te hebben, en na verloop van tijd beslissen of ze getrouwd blijven.

Maar Olivier Maingain (DéFI), burgemeester van Sint-Lambrechts-Woluwe, weigerde bijvoorbeeld zijn medewerking aan de Franstalige versie van het programma. Er wordt burgemeesters gevraagd op te treden tegen schijnhuwelijken en dan moeten we zoiets wel toetstaan, zo luidde zijn redenering.

Geen vergoeding

Na de parlementaire vragen over de wettelijkheid van het programma, vroeg minister van justitie Koen Geens advies aan het College van Procureurs-Generaal. Dat oordeelde eind vorig jaar dat de rechtsgeldigheid van het huwelijk tussen twee onbekenden niet verzekerd is, al voegde het college daar wel aan toe dat het geen prioriteit was om op te treden tegen het programma. Het College vroeg voorts om te onderzoeken of de programmamakers zich niet opstelden als een huwelijksbureau.

Het verdict is er nu. ‘Blind Getrouwd’ overtreedt de wet niet, zegt Peeters. ‘De deelnemers betalen geen vergoeding en dus kan het programma niet worden beschouwd als huwelijksbureau. Het is bovendien helemaal niet de bedoeling van die wetgeving om dergelijke televisieprogramma’s te gaan reguleren.'

De wet op de huwelijksbemiddeling werd in 1993 ingevoerd om een einde te stellen aan de vele wanpraktijken in de sector. De wet definieert de bemiddeling als ‘elke activiteit waarbij tegen vergoeding ontmoetingen tussen personen worden geregeld die rechtstreeks of onrechtstreeks tot een huwelijk of tot een vaste relatie moeten leiden.’