De grootste kolonie koningspinguïns ter wereld is volgens een onderzoek bijna negentig procent gekrompen sinds de jaren tachtig. Waarom is een raadsel.

Een team van biologen schrijft in het wetenschapsblad Antarctic Science dat er slechts 60.000 broedparen overblijven, tegenover zo’n half miljoen vijfendertig jaar geleden.

De dramatische terugval leiden de onderzoekers af uit luchtfoto’s en satellietbeelden van de kolonie op Île aux Cochons, een van de Crozeteilanden, ten zuiden van Zuid-Afrika.

Nochtans stelt de soort het globaal gezien best goed. Ze is niet bedreigd en neemt op sommige locaties zelfs in aantal toe.

De onderzoekers halen verschillende mogelijke verklaringen aan voor de terugval op het eiland.

Zo kan een verandering in zeewatertemperaturen in 1997 (de Indian Ocean Dipole) ervoor gezorgd hebben dat de pinguïns minder vis konden vangen. Een andere hypothese is een afsplitsing van de kolonie. Er is in de regio een nieuwe kolonie van 17.000 paren waargenomen. Maar die is te klein om de krimp volledig te verklaren. Ook een ziekte wordt niet uitgesloten, of mogelijk hebben wilde katten hun menu uitgebreid.

‘De oorzaak van de grootschalige inkrimping van de kolonie blijft dus een mysterie’, stellen de onderzoekers. Om zekerheid te hebben, willen ze de kolonie bezoeken.