SP.A viseert fiscale voordelen van profsporters
Foto: BELGA

De SP.A wil met een wetsvoorstel de fiscale gunstmaatregelen en de verlaagde sociale-zekerheidsbijdragen van professionele voetballers en andere sporters in ons land afschaffen.

Profvoetballers genieten in ons land al jaren van fiscale en parafiscale gunstregimes. Vergeleken met andere beroepen betalen ze maar een kleine fractie aan sociale bijdragen.

Op alle lonen in België moet een sociale bijdrage van 38,07 procent op het brutoloon worden betaald, maar de sociale lasten van voetballers worden berekend op een vast bruto maandloon van 2.281 euro, waardoor ze maximaal 868 euro betalen. Bovendien worden ze vrijgesteld voor 80 procent van de bedrijfsvoorheffing.

Hoog tijd om daar iets aan te doen, zegt SP.A-Kamerlid Peter Vanvelthoven. ‘Dergelijke gunstmaatregelen voor professionele sporters, die de samenleving jaarlijks zowat 150 miljoen euro kosten en waarvan het gros naar de voetbalploegen in eerste klasse en de lonen van hun voetballers gaat, zijn niet meer te verdedigen’, staat in het SP.A-wetsvoorstel waarover La Libre Belgique vandaag bericht.

In het voorstel staat ook te lezen dat de RSZ zo’n 70 miljoen euro per jaar misloopt door de fiscale gunstmaatregelen voor profvoetballers – andere sporters niet meegerekend.

Minister van Sociale Zaken Maggie De Block (Open VLD) verdedigde de verminderde bijdrage voor sporters eerder tijdens een ondervraging in de Kamer. Volgens haar zijn die fiscale maatregelen nodig om ‘hun sportcarrière op te starten’, zei ze in maart. Ook in de voetbalwereld zijn ze verantwoord: ‘Mensen zien graag een aantrekkelijke voetbalcompetitie. Daarvoor heb je goede spelers nodig, een systeem zoals de RSZ-korting kan dan helpen’, zei ze eerder aan De Standaard.

In een opiniestuk op de VRT-website schoot fiscalist Michel Maus eerder al gaten in die ‘bekrompen en ondoordachte’ redenering. ‘Dat mensen ook graag een aantrekkelijke sociale zekerheid hebben en dat je daarvoor RSZ-bijdragen nodig hebt, is blijkbaar een gedachte die niet opkomt bij onze minister’, schreef hij.

Ook Vanvelthoven en zijn collega’s zijn het niet eens met De Block: ‘Het voordeel van de bestaande regeling komt vooral de werkgevers (de clubs, red.) ten goede. Bovendien halen net de hogere lonen er voordeel uit. Voor de lonen die lager liggen dan de loongrens van 2.281 euro per maand, worden de bijdragen berekend op het werkelijke bedrag.’