Een Nederlands onderzoek naar het effect van sildenafil op baby’s met een groeibeperking is vroegtijdig stopgezet omdat het de kans op overlijden deed toenemen.

Elf Nederlandse ziekenhuizen namen sinds 2015 deel aan een onderzoek naar de effecten van sildenafil tijdens een zwangerschap met een baby-in-wording die lijdt aan een ernstige groeibeperking. De ziekenhuizen baseerden zich op onderzoek waaruit bleek dat het middel de bloedtoevoer naar de placenta stimuleerde, wat op zijn beurt de groei van de ongeboren vrucht ten goede zou komen.

In totaal namen 183 zwangere vrouwen deel, maar maandag besliste het Amsterdamse medische centrum UMC om per direct te stoppen met de studie. Uit tussentijdse bevindingen was volgens het UMC gebleken dat de gezondheidsnadelen te groot waren. ‘De kans op een longaandoening en ook de kans op een overlijden na de geboorte lijkt toegenomen’, klinkt het.

Longaandoening

Iets meer dan de helft van de deelnemende vrouwen nam effectief sildenafil. 90 vrouwen namen een placebo. Bij de baby’s van de eerste groep overleden er in totaal 19, van wie 11 door een longaandoening die mogelijk aan sildenafil gerelateerd was. Zes andere baby’s hadden ook een longaandoening, maar zij overleden niet.

Bij de placebogroep overleden in totaal 9 baby’s, maar volgens het UMC geen enkele baby aan een longaandoening. Drie baby’s hadden die longaandoening wel, maar zijn er niet aan overleden.

15 vrouwen die deelnamen aan het experiment moeten nog bevallen.

Gynaecoloog Wessel Ganzevoort, die aan het hoofd stond van het onderzoek, zegt ‘geschokt’ te zijn door de resultaten. ‘Het laatste wat we wilden, is patiënten kwetsen.’ Hij speelde de resultaten naar eigen zeggen door aan Canadese onderzoekers die een soortgelijk onderzoek voeren.