Editors: Ah, dáár zit de volumeknop!
Foto: Koen Bauters
Het leek hier vandaag wel vol bands te staan die het publiek in twee kampen verdelen: je haat ze of je houdt van ze.

Eerst was er Bløf, dat in Nederland mikpunt van spot is vanwege zijn zogenaamd onbegrijpelijke teksten, maar dat nu eindelijk in Vlaanderen doorbreekt met de hit ‘Zoutelande’. Vervolgens was er Deus, dat het aandurfde om Mauro De Grote te vervangen door Bruno De Groote. Je had ook nog The National: een creepy versie van Coldplay voor de een, een magistrale rock-noirband voor de ander. 

En dan was er Editors. Met een frontman die zich maniertjes permitteerde waar Mr. Bean jaloers op zou zijn, een arsenaal hits waar u er meer van kende dan u wilde toegeven, en een heldenstatus in België. En alsof dat allemaal nog niet genoeg olie op het vuur was, is Editors ook nog eens zo’n indiebandje dat snel doorgegroeid is tot stadionband. Hoort u het geritsel? Dat is het geluid van de criticasters die zich in hun handen wrijven.

In maart van dit jaar zagen we Editors het Sportpaleis domineren: een lovenswaardige prestatie, die smaakte naar meer. Helaas kregen we dat ‘meer’ vanavond niet te zien. Werden we in maart nog gecharmeerd door de spastische maniertjes van Tom Smith, nu ging dat trucje ons al snel vervelen. De manische blik in Smiths ogen kwam gespeeld over. Zijn bindteksten kwamen uit Het Grote Boek der Bindteksten. Dat het een eer was om op TW Classic te staan? Jaja Tom, het zal wel. 

Het hielp ook niet dat de volumeknop pas gevonden werd na een nummer of zeven. ‘Munich’ maakte indruk met z’n U2-gitaarriffje en die baslijn die daar zo mooi onder kringelde. In ‘Nothingness’ zat Smiths stem eindelijk goed in de geluidsmix en ‘Violence’ blonk dan weer uit in flukse elektronica. Jammer dat we daarna twee songs voor de kiezen kregen die we in de categorie ‘newwave van dunaldi’ moesten onderbrengen: ‘No harm’ was met zijn spaarzame arrangement en falsetvocalen een en al effectbejag, ‘Sugar’ was Depeche Mode overgoten met een Coldplay-sausje. Niemand die daarop zat te wachten.

Waarom dan toch nog drie sterren voor dit concert? Omdat we ook nu weer omvergeblazen werden door de orkaankracht van een paar onverwoestbare Editors-songs. De piano-intro van ‘Racing rats’ blijft onovertroffen. ‘Smokers outside the hospital doors’ werkt altijd goed, zowel live als op plaat. ‘Papillon’ ontpopte zich wederom tot een heus party anthem. En ‘Magazine’ bewees opnieuw het sterkste nummer te zijn uit de recente plaat Violence

O, en het Belgische publiek houdt nog steeds van Editors. Ook die liefdesbetuiging was mooi om te zien.