Michel heeft geen tijd meer voor half werk
Tomorrowland 2017: het Zomerakkoord is een feit, de ministers van de regering-Michel glunderen. Foto: Nicolas Maeterlinck/blg

De regering-Michel probeert nog één keer te schitteren met het opstellen van een nieuw zomerakkoord. Of dat met de ‘dash’ zal zijn die nodig is om de begroting te saneren, valt te betwijfelen.

Losse eindjes. Sinds de regering-Michel kennen we ze ook als een politiek begrip. De (politieke) definitie: iets waar een slordig akkoord over bestaat, dat achteraf aanleiding geeft tot discussie, of iets waar een princiepakkoord over bestaat, zonder concrete invulling. De regering heeft er een handje van weg om de zaken te regelen met een groot akkoord dat de politieke evenwichten respecteert en het uitzicht heeft van een doorbraak, maar waar achteraf nog een jaar over doorgeboomd moet worden.

Het Zomerakkoord van vorig jaar was zo’n grootschalig quid pro quo, dat zo weinig solide bleek dat het in de winter nog eens overgedaan moest worden. De kern van het akkoord was een evenwicht tussen de meerderheidspartijen waarbij de N-VA de hervorming van de vennootschapsbelasting kreeg, CD&V de effectentaks als een trofee van fiscale rechtvaardigheid en Open VLD het onbelast bijverdienen.

Een jaar later is het akkoord nog altijd niet helemaal in kannen en kruiken. De hervorming van de vennootschapsbelasting is begin dit jaar ingegaan, het onbelast bijklussen treedt nu pas in werking en of de effectentaks de geschatte 254 miljoen euro zal opbrengen, wordt sterk in twijfel getrokken.

En er kronkelen nog een heleboel andere losse eindjes uit het akkoord. Cash-for-cars is al wel in werking, maar het mobiliteitsbudget niet; de maatregel om 50-plussers pensioen af te nemen als ze hun job verliezen, bleef in het vagevuur hangen; de discussie over de modernisering van het ambtenarenstatuut is nog niet afgelopen. Om van een oplossing voor de Arco-coöperanten nog maar te zwijgen.

Arbeidsdeal en investeringspact

Toch werkt de federale regering al aan een volgend Zomerakkoord, een ultieme kans om haar daadkracht te bewijzen voor de verkiezingen van dit en volgend jaar, met de arbeidsdeal en het investeringspact als kroonjuwelen.

Maar het zal ditmaal van de eerste keer raak moeten zijn. Tijd om achteraf nog een jaar lang losse eindjes vast te binden, als een déjà vu van de voorbije jaren, is er niet. Bovendien sneeuwen die grote akkoorden telkens weer de essentie van een sociaal-economische herstelregering onder, zijnde een geloofwaardige begroting.

De ene na de andere econoom ergert zich blauw aan de manier waarop de federale regering de sanering van de overheids­financiën benadert. Volgens de jongste cijfers van het Federaal Planbureau deed de vorige federale regering in drie jaar een grotere inspanning om de begroting structureel op orde te zetten dan de huidige, terwijl Di Rupo de conjunctuur tegen had en de huidige regering de conjunctuur mee.

Vorig jaar slaagde de regering-Michel erin om bij de voorstelling van het Zomerakkoord met geen woord over het begrotingswerk te reppen. Deze week zeggen ambtenaren van het Monitoringcomité in een ongeziene mededeling dat ze het niet eens zijn met de optimistische inschatting waar de regering op aanstuurt, waardoor er in 2019 een inspanning van ‘slechts’ 2,7 miljard zou nodig zijn. Het Federaal Planbureau had het tekort voor volgend jaar minstens een miljard euro hoger ingeschat.

Pijnlijke ingrepen

De regering ontkent dat ze de ambtenaren onder druk heeft gezet om alleen de meest positieve cijfers te geven. Als dat toch zo zou zijn, heeft ze trouwens alleen het omgekeerde bereikt. Door de afwijkende meningen over het advies in het rapport op te nemen, wakkerde het Monitoringcomité de politieke commotie net aan. De ambtenaren mogen het volgende dinsdag in de Kamercommissie Financiën komen uitleggen.

Hoe dan ook is er nog een ernstige inspanning nodig om een begrotingsevenwicht te bereiken, en dat is een sterk argument om zich niet rijk te rekenen. De vraag hoe een goede huisvader het zou aanpakken, is retorisch. Straks ziet de volgende regering zich in economisch ontij opnieuw verplicht om pijnlijke ingrepen te doen. En vraag maar eens aan de ministers van de regering-Di Rupo wat zoiets doet met de populariteit.