N-VA zit op een berg geld
Het hoofdkwartier van de N-VA in de Koningsstraat. Foto: belga
De N-VA boekte vorig jaar 4,7 miljoen euro winst. Een groot deel daarvan is huuropbrengst, maar de Vlaams-nationalisten beleggen ook goed.

'Wij zijn zoals een goede huisvader: we betalen ons huis af en we beleggen bij de bank.’ Louis Ide, algemeen secretaris van de N-VA, verdedigt het financiële beleid van zijn partij, die in 2017 een winst boekte van maar liefst 4,7 miljoen euro. Het jaar voordien haalden de Vlaams-nationalisten een zelfde som binnen.

Een deel van die winst is te danken aan de verhuur van de helft van het N-VA-hoofdkwartier, acht verdiepingen hoog in de Brusselse Koningsstraat. De blog De Rijkste Belgen, die de jaarrekening bekendmaakte, bestempelt de N-VA zelfs als ‘een half vastgoedbedrijf’.
Maar dat is te kort door de bocht, vindt Ide. ‘In 2003 moesten we ons hoofdkwartier op het Barricadenplein verkopen en tot voor kort waren wij de enige partij zonder eigen partijgebouw. Nu hebben we een lening lopen om het gebouw te kopen. Het verhuren van een deel ervan helpt ons om die lening af te betalen.’ De totale kostprijs van het gebouw bedroeg zo’n 19 miljoen euro.

Meer dan nodig

Hoe dan ook gaapt er een gigantische kloof tussen vermogen en winst van de N-VA en die van de andere partijen. De partij van Bart De Wever strijkt dan ook jaarlijks 13 miljoen euro overheidssubsidies op.

‘Een logisch gevolg van hun electorale sterkte’, zegt politicoloog Jef Smulders (KU Leuven). ‘Een groot deel van die subsidies gaat naar de permanente organisatie, zoals personeel en communicatie. Maar van dat enorme bedrag kunnen ze dus een deel opzij zetten en investeren in vastgoed.’

De N-VA is overigens niet de enige partij die dat doet, ‘maar verdiepingen verhuren aan derden is redelijk ongezien’, aldus Smulders. ‘Het is volledig wettelijk, maar je kunt je afvragen waarom partijen meer geld krijgen dan ze eigenlijk nodig hebben.’

Partij zonder kiezers
Door het gulle systeem van dotaties is de financiële toekomst van de N-VA voor de komende jaren in ieder geval verzekerd, óók als de partij slechte verkiezingsresultaten zou halen. ‘Om het met een boutade te zeggen: zelfs als N-VA geen kiezers en geen leden meer zou hebben, dan nog zouden ze financieel overleven’, zegt Smulders.

Bij CD&V klinkt daarom de roep om de dotaties af te toppen voor partijen die meer dan 25 procent halen. Maar dat vinden ze bij de N-VA, die als enige boven die grens komt, al te doorzichtig. ‘Toch opvallend hoe partijen zich uitsloven om de financiering bij te stellen die ze zelf hebben vastgelegd toen de N-VA nog niet groot was’, zegt Ide.

Voor een aanpassing van het systeem van partijfinanciering staat de partij evenwel open. ‘Maar dan moet iedereen wel een duit in het zakje doen.’