Ed Sheeran, met de s van saai
Foto: Koen Bauters

Het was over de koppen lopen op de wei van Werchter, en al die moeder-dochterduo’s, hartsvriendinnen, verliefde koppeltjes, vriendengroepen van de chiro en collega’s op uitstap kwamen voor slechts één man: Ed Sheeran.

Geen afgetrainde Mr. Perfect à la Justin Bieber. Geen stijlicoon zoals Harry Styles. Neen, een doodgewone kerel van zevenentwintig die steevast gekleed gaat in jeans en T-shirt en die toevallig over het talent beschikt om wereldhits te schrijven. Het blijft een mooi verhaal in de popmuziek, dat van de eenvoudige-jongen-met-gitaar die in zijn uppie Sportpaleizen, en nu dus ook festivalweides uitverkoopt. Fascinerend is dat toch. Dat je nooit zou omkijken mocht je Sheeran in de supermarkt bij het groentevak kruisen, maar dat hij op dat podium je aandacht wél anderhalf uur lang opeist.

Nu, de eerlijkheid gebiedt ons te vermelden dat onze aandacht tijdens dit concert meermaals verslapte. Dat had niet eens zoveel te maken met Sheeran zelf, die zich een begenadigd entertainer toonde, als wel met zijn songs, waarvan er nogal wat een hoog dertien-in-een-dozijngehalte etaleerden. In een poging om daar een verklaring voor te vinden, kwamen we tot de volgende conclusie.

Een klassieke Sheeran-song is voorspelbaar, want hij bevat minstens drie van deze vijf elementen: prominente beat / oeh-oeh- of aah-aah-koortje / akoestisch gitaarriedeltje / een vrouw die op een piëdestal wordt gezet omdat ze zo beautiful is / een muzikale verwijzing naar de Ierse folk zoals die door The Corrs in de jaren negentig werd heruitgevonden. Kortom, Ed Sheeran lijkt zich bij het songschrijven graag te bedienen van dezelfde trucjes. Dat doen wel meer songschrijvers, zult u zeggen. Dat is waar, maar songschrijftrucjes zouden niet mogen leiden tot saaie concerten.

Hakken in het zand

De songs met een folky inslag brachten het publiek in beweging. Rondom ons werden armen in elkaar gehaakt toen ‘Galway girl’ weerklonk, en hakken in het zand geduwd op de wijze van Riverdance toen het tijd was voor ‘Nancy Mulligan’. Ook met zijn ballads kon Sheeran de fans begeesteren. Met ‘Thinking out loud’ en ‘Perfect’ was het van kampvuurgezang hier en singalong daar, terwijl de zon langzaam onder de horizon zakte. Qua sfeerbeeld zat dát alvast helemaal goed. Tussendoor kreeg Sheeran de lachers op zijn hand met een anekdote over ‘de twee procent concertgangers die niet participeren: de mannen die met hun vriendin moesten meekomen en de superpapa’s die hun kinderen vergezellen’. Zoals gezegd: Sheeran is beslist een topentertainer.

Hoe hij in zijn eentje de wei bespeelde, met slechts een gitaar, twee microfoons en een loopstation als hulpmiddelen: dat getuigde van tonnen talent en bakken vakmanschap. Verrassingen bleven helaas uit, want die cover van Nina Simones ‘Feeling good’ kon je niet echt geslaagd noemen - hij toonde eerder aan dat Sheerans zangcapaciteiten niet opgewassen waren tegen een nummer van dat kaliber.

Overigens zijn wij van mening dat Ed Sheeran dringend eens samen met The Corrs de studio moet induiken.

Gezien in Werchter op zondag 1 juli.