De man die geen adem moet halen
Foto: Koen Bauters
Damso begint zijn optredens niet meer met 'Kietu', nu zelfs in Vlaanderen iedereen hem kent als de man die het WK-lied zou leveren, waarna dat aanbod haastig werd ingetrokken. In het licht van de ondergaande zon opende hij dan maar met 'Ipséité'.

De naam van zijn laatste album maar een song die op zijn net verschenen derde plaat Lithopédion staat - een song ook waarin de Brusselse rapper het er nog eens goed inwrijft dat zijn eerste miljoen binnen is.

De meeste festivalgangers kwamen vanavond voor Damso, en toch gokken we dat het een minder typisch hiphoppubliek was dan Damso bij zijn passage in Vorst Nationaal voor zich kreeg. Oudere nummers als 'Débrouillard' werden massaal meegezongen, maar het publiek kende niet alle nummers. Of ze konden gewoon niet volgen: op plaat varieert Damso vlot tussen een zangerige stijl, voluit zingen of freestylen. Op Couleur Café vuurde hij de ene mitraillette-rap na de andere op ons af, alsof hij nooit adem moet halen. Indrukwekkend, dat is het minste dat je kan zeggen.

En al kregen we het boze 'Introduction' van de laatste plaat, de nadruk lag op feestnummers zoals 'Kin la belle', 'Bruxelles vie' of 'Mwaka moon', waarin Damso de geneugten van Amsterdam en zijn fijne rookwaren bezingt.

Voetbalhymnes kregen we niet, al vroeg hij wel wie er gisteren de match had gezien van de Rode Duivels. 'On les a bien enculés, ik heb bijna medelijden met de Engelsen', grijnsde hij niet echt overtuigend.

Stiekem hadden we een beetje gehoopt op het meesterlijke 'Julien' van de laatste plaat, een even angstaanjagend als zoet-melodieus nummer over een pedofiel. Dat was allicht een brug te ver: Damso bleef bij de knallers - en jaagde die er aan zo'n tempo door dat hij een kwartier te vroeg klaar was. Waarna er geen toegift volgde. We vermoeden dat Damso indrukwekkender uit de hoek kan komen.