N-VA: twee extra deradicaliseringsconsulenten is ‘too little too late’
Nadia Sminate (N-VA). Foto: BELGA

Dat Vlaams minister van Welzijn Jo Vandeurzen (CD&V) twee extra deradicaliseringsconsulenten wil aanwerven voor de gevangenissen is goed, maar ‘too little, too late’. Dat zegt Parlementslid Nadia Sminate (N-VA).

Van de 450 gedetineerden met indicaties van radicalisering hebben er 132 een vorm van begeleiding gekregen. Dat wil zeggen dat 2 op de 3 géén begeleiding krijgen. In 2017 werden gelijkaardige cijfers bekendgemaakt. Er was toen sprake van 11 geradicaliseerde gedetineerden, van in totaal 80, die een individueel traject volgden.

Om de strijd op te voeren, werft bevoegd minister Vandeurzen (CD&V) twee extra deradicaliseringsconsulenten aan om de strijd op te voeren. Dat stond woensdag in De Morgen en Het Laatste Nieuws te lezen, en de minister bevestigde het in de commissie voor de bestrijding van gewelddadige radicalisering in het Vlaams parlement, die elk halfjaar een stand van zaken opmaakt.

‘Te laat’

N-VA-politica Nadia Sminate, zelf voorzitter van de commissie radicalisering, noemt de geplande aanwerving ‘positief’, maar ze komt te laat, zegt ze. ‘Ik wijs al jaren op het probleem van radicalisering in de gevangenissen en de opdracht van minister Vandeurzen ter zake. De twee experts die er al waren deden goed werk, maar het was dweilen met de kraan open’, reageert ze.

‘Deze beslissing is too little, too late’, vindt Sminate. ‘De twee experten hebben 33 gedetineerden begeleid, maar in totaal hebben minstens 237 gedetineerden begeleiding nodig, en daar komen er wellicht nog bij. Ik twijfel er ernstig aan of de aanwerving van slechts twee experts het probleem snel zal oplossen.’

Over de aanpak van radicalisering in de gevangenis is al veel inkt gevloeid. De vraag naar hoe radicalisering te behandelen, werd door de terroristische aanslag door Benjamin Herman in Luik nieuw leven ingeblazen. Als gevolg daarvan besliste Vlaanderen imams in te schakelen om geradicaliseerde gevangenen die in aanmerking komen voor vervroegde invrijheidstelling op andere gedachten te brengen.