Oostenrijk wil opheldering over afluisterpraktijken door Duitse inlichtingendienst
Archiefbeeld uit een Duitse betoging tegen afluisterpraktijken van de Duitse inlichtingendienst BND en de Amerikaanse NSA (2015) Foto: AFP

De Oostenrijkse regering wil van Duitsland een omvattende verklaring over onthullingen dat de Duitse inlichtingendienst BND jarenlang systematisch in de Alpenrepubliek de overheid en bedrijven zou afgeluisterd hebben. ‘De omvang van de afluisterprakrijken was enorm’, zei bondkanselier Sebastian Kurz.

De Oostenrijkse Bondspresident Alexander Van der Bellen verklaarde zaterdag op een gemeenschappelijke persconferentie met de regeringsleider dat spionage onder bevriende staten niet enkel ongewoon en ongewenst, maar ook onaanvaardbaar is’.

De vaststellingen over de BND-praktijken zijn in principe niet nieuw, maar de details zijn ronduit irriterend, verklaarden de politici.

De eerste vermoedens staken al in 2014 de kop op, zei Kurz. In 2016 had Duitsland wettelijk gereguleerd dat spionage onder vrienden moest worden gestaakt. Oostenrijk zou nu graag willen weten wie werd afgeluisterd en wanneer die controles werden beëindigd. ‘En het moet ook zeker zijn dát ze werden beëindigd’.

Als er gegevens werden opgeslagen, moeten die vernietigd worden, eiste hij. Als er nieuwe informatie werd ingewonnen, moet mogelijk het Openbaar Ministerie in Oostenrijk ingeschakeld worden.

De BND zou tussen 1999 en 2006 systematisch de telecommunicatie van centrale instellingen in Oostenrijk afgeluisterd hebben, berichtten zaterdag het Oostenrijkse nieuwsmagazine Profil en de krant Der Standard. Op basis van interne BND-bestanden werd duidelijk dat in die periode in totaal 2.000 telefoon-, fax- en mobiele verbindingen, naast e-mailadressen, het doelwit van de Duitse inlichtingendienst zijn geweest.