Slachthuizen schieten tekort
Foto: Hollandse Hoogte / Jordi Huisman
Zeven op de elf runder­slachthuizen slagen er niet in alle runderen bij een eerste schot te bedwelmen. Dat blijkt uit de doorlichting die minister Ben Weyts vorig jaar beval na de wantoestanden in Tielt.

De Vlaamse minister van Dierenwelzijn, Ben Weyts (N-VA), kondigde in april 2017 een externe doorlichting van alle Vlaamse slachthuizen aan, nadat beelden waren opgedoken van dierenleed in het Exportslachthuis in Tielt. Dat rapport is nu klaar en wordt vandaag besproken in de commissie-Dierenwelzijn.

De onderzoekers van Thomas More stelden bij de slachthuizen geen grote of systematische schendingen van dierenwelzijn vast. Toch zien ze in elke fase van het verwerkingsproces stevige tekortkomingen. Zo is de bedwelming van de dieren, waardoor ze het bewustzijn verliezen, ‘niet 100% en kan die bijgevolg beter’. Zeven van de elf runderslachthuizen slaagden er niet in om alle runderen bij een eerste bedwelmingsschot te bedwelmen. Bij het bedwelmen van kippen stelt dit probleem zich veel minder.

Elektrische prikkelaar

Alle onderzochte runderslachthuizen gebruikten een elektrische prikkelaar om runderen vooruit te drijven. Die prikkelaars zijn niet verboden, maar het gebruik ervan is alleen als laatste middel toegelaten. Toch stellen de onderzoekers vast dat de elektrische prikkelaars nog ‘regelmatig worden aangewend’.

De onderzoekers vinden de slachthuizen over de hele lijn veel te luid: ‘De lawaaierige omgeving wordt per definitie bijna als normaal ervaren, terwijl een rustige werkomgeving belangrijk is voor mens en dier.’ Ook klagen ze de confrontatie met bloed, bloederig water en het zien van dode karkassen door levende dieren aan.

Het rapport geeft ook aan dat de Animal Welfare Officers (AWO), die het dierenwelzijn in de slachthuizen opvolgen, een onafhankelijkere en betekenisvollere functie verdienen. ‘Het is belangrijk dat de AWO in alle vrijheid corrigerende dierenwelzijnsmaatregelen kan nemen.’ De AWO zou daarom niet als consultant mogen werken, zoals nu soms gebeurt, maar in vast dienstverband aan de slag moeten zijn.

Minister Weyts, die gisteren niet wenste te reageren, werkte voor het rapport samen met Febev, de beroepsvereniging van slachthuizen in de varkens-, runder-, paarden- en schapensector. Topman Michael Gore is tevreden: ‘Dit rapport toont aan dat de slachthuizen effectief inspanningen leveren om het dierenwelzijn op duurzame wijze te verankeren. Zoals in elke doorlichting zijn er verbeterpunten. Die zaken zijn op zich relatief vlot op te lossen.’

Aangekondigd bezoek

Uiteindelijk bleek Weyts’ voornemen om elk Vlaams slachthuis door te lichten te ambitieus. De auditeurs van de onderzoeksgroep bezochten er 31 – in Vlaanderen zijn er in totaal een veertigtal slachthuizen. Dat de inspecteurs de controle enkele dagen vooraf aan de slachthuizen meedeelden, tast volgens Gore de geloofwaardigheid van het rapport niet aan. ‘Uit praktische overwegingen was die aankondiging noodzakelijk. Bovendien: je kunt misschien een kwartier of een halfuur je beste beentje voorzetten, maar uiteindelijk komen na een hele dag de vastgeroeste methodes wel boven.’

Volgens Hermes Sanctorum, onafhankelijk Vlaams Parlementslid, kan die aankondiging tot een vertekening leiden. ‘De doorlichting toont niet aan dat in slachthuizen elke seconde grove mishandelingen plaatsvinden’, concludeert hij. ‘Wel loopt het geregeld mis op de slachtvloer en moeten dieren onnodig lijden door slechte infrastructuur of onhandig personeel.’