Daniel Ortega, de revolutionair die aan het pluche plakt
Foto: AFP

De president van Nicaragua, die ooit ten strijde trok om het lot van de armen te verbeteren, is een machtswellustige dictator geworden.

Zou Daniel Ortega, de president van Nicaragua, het erg vinden dat hij tegenwoordig Somoza wordt genoemd? Misschien hoort hij het niet, omdat hij al lang niet meer weet hoe het er in zijn land aan toegaat. Misschien gelooft hij echt dat de opstand geen protest van malcontente burgers maar van criminele bendes is?

Ooit was Ortega een van de linkse revolutionairen die vochten tegen de wrede dictator Somoza. Hij was in 1963 toegetreden tot de Sandinistas, een verzetsbeweging die zich naar Augusto Sandino noemde. Sandino was een revolutionair die in de jaren dertig van de vorige eeuw tegen de Amerikaanse bezetting van zijn land vocht. Ortega trok als revolutionair zelfs naar Cuba om er de technieken van de guerillaoorlog onder de knie te krijgen. In 1979 verjoegen de Sandinisten Somoza. Ortega werd de leider van de eerste regering na Somoza, de Junta van de Nationale Wederopbouw.

Daniel Ortega, de revolutionair die aan het pluche plakt
Ortega ging in de leer bij de Cubanen. Foto: Photo News

Lieverdje van de linkse intellectuelen

In 1984 haalde Ortega het in de eerste presidentiële verkiezingen met 67 procent van de stemmen. Hij voerde verregaande landhervormingen door die de arme boeren ten goede moesten komen. Hij zette alfabetiseringsprogramma’s op en introduceerde gratis gezondheidszorg. Ortega was het lieverdje van de linkse intellectuelen in Europa.

Maar zijn land zat in de ijzeren tang van een Amerikaanse boycot. Het was de tijd van de Koude Oorlog en de Amerikaanse Republikeinse president Ronald Reagan wilde niet dat een ‘communistische olievlek’ zich in zijn achtertuin zou uitbreiden. De Verenigde Staten, met name de CIA, steunden paramilitaire organisaties, de zogenaamde contra’s, die het land gewelddadig probeerden te veroveren.

Het geweld eiste zijn tol. Bij de volgende verkiezingen, in 1990, leed Ortega een nederlaag. Vele Nicaraguanen dachten - terecht - dat het dagelijks geweld zou stoppen als de Sandinisten niet langer aan de macht zouden zijn. Violetta Chamorro, die financieel gesteund was door de regering-Bush, won de verkiezingen.

Toen de Sandinisten niet meer aan de macht waren, braken onderlinge twisten uit. Sommige toplui van het FSLN (Frente Sandinista de Liberación Nacional) verweten Ortega dat hij te veel macht naar zich toe had getrokken. Hij was ook in opspraak gekomen door een seksschandaal, toen zijn stiefdochter verklaarde dat hij haar verkracht had. Ortega kon rekenen op de steun van de moeder van de klaagster, Rosa Murillo, die vond dat haar dochter laster verkocht.

Autoritair optreden

In 2006 werd Ortega opnieuw verkozen, dankzij de stemmen van de arma Nicaraguanen. Het eerste jaar kon hij nog op clementie rekenen omdat hij werk leek te maken van een programma om de honger in zijn land uit te roeien en de werkloosheid aan te pakken. Maar vanaf 2007, toen hij toenadering zocht tot de populistische president van Venezuela, Hugo Chávez, kreeg hij steeds meer kritiek op zijn autoritair optreden. In 2009 paste hij de Grondwet aan zodat hij een tweede keer verkozen kon worden. Met zestig procent van de stemmen begon hij in 2011 aan een tweede ambtstermijn.

Hij kon lang op de steun van de armen in zijn land rekenen, maar de middenklasse had vragen bij de corruptieschandalen, de rijkdom van de Ortega-clan en de belangrijke rol die zijn vrouw Rosa Murillo speelde. Maar zijn partij had een ruime meerderheid in het parlement en had de handen vrij om de wet nogmaals aan te passen zodat Ortega verzekerd was van een derde ambtstermijn. In november 2016 behaalde hij met 72 procent van de stemmen de meerderheid. Inmiddels hadden vele organisaties opgeroepen om de verkiezingen te boycotten.

Bij de opstand die nu zijn land beheerst, zet Ortega de grote middelen in om de betogers het zwijgen op te leggen.