Merkel waarschuwt Italiaanse regering
Foto: REUTERS

De Italianen moeten er niet op rekenen dat Europa hen schulden zal kwijtschelden. Die boodschap lijkt Duits bondskanselier Angela Merkel te geven in een interview over haar plannen voor de eurozone. 'De solidariteit in de eurozone mag niet leiden tot een schuldenunie.'

In een interview met de Frankfurter Allgemeine Sonntagszeitung heeft Angela Merkel de nieuwe Italiaanse regering gewaarschuwd over het plan om de Europese Centrale Bank te vragen een groot deel van de Italiaanse schuld kwijt te schelden. Volgens Merkel is solidariteit onder de landen van de eurozone belangrijk, maar ‘mag die solidariteit nooit leiden tot een schuldenunie. Het moet erom gaan dat we anderen helpen om zichzelf te helpen'.

De eurosceptische regering die in Italië werd gevormd door de Lega en de Vijfsterrenbeweging, heeft budgettaire plannen die voor grote bezorgdheid zorgen bij de andere eurozone-lidstaten. Zo willen ze de Europese begrotingsregels versoepelen en veel meer geld uitgeven.

‘Ik zal de Italiaanse regering met open vizier benaderen en met haar samenwerken, en ik ga niet speculeren over haar intenties’, zei Merkel daarover nog.

Europees investeringsbudget rond de 10 miljard euro

In het interview stelde Merkel ook haar plannen voor de eurozone voor. Zo wil ze een investeringsbudget ‘dat in de lage tweecijferige miljarden loopt’ en waarmee de economische verschillen in de eurozone gecompenseerd kunnen worden.

De Duitse bondskanselier wil ook een Europees Monetair Fonds in navolging van ESM-stabiliseringmechanisme dat na de schuldencrisis ontstond. Dat zal landen die door externe omstandigheden in moeilijkheden geraken, met kortlopende kredieten kunnen helpen.

Merkel is ten slotte ook voorstander om de onderhandelingen over het financieel kader van de Europese Unie voor de periode 2021-2027 vóór de Europese verkiezingen van mei volgend jaar af te sluiten. ‘Anders kunnen we mogelijk een heel jaar geen Erasmus-beurzen uitreiken of wordt de uitbouw van Frontex vertraagd, om nog te zwijgen van de structuurfondsen of onderzoeksprogramma’s.’