Facebook en WhatsApp voortaan belast in Oeganda
De 73-jarige Oegandese president Yoweri Museveni. Foto: AP

Het Oegandese parlement heeft een nieuwe belasting goedgekeurd op het gebruik van sociale media. Officieel om de begroting te spijzen, maar volgens de oppositie moet de belasting vooral kritiek op ’s lands president de kop indrukken.

Wie in Oeganda gebruik wil maken van Facebook, Twitter of WhatsApp, zal voortaan 200 Oegandese shilling moeten betalen. Dat komt neer op zo’n 16 euro per jaar, best veel voor een land met een bbp van 525 euro per inwoner. Ter vergelijking: in België is het bbp per inwoner 35.086 euro.

De nieuwe belasting werd woensdag goedgekeurd, zegt parlementswoordvoerder Chris Obore, en maakt deel uit van een hervorming van de Oegandese accijnswet, die begin juli van kracht wordt. GSM-operatoren zijn verplicht de belasting te heffen via elke simkaart die toegang biedt tot sociale media.

Verstikking vrije meningsuiting

De operatoren of socialemediakanalen hebben vooralsnog niet gereageerd, maar de Oegandese oppositie en mensenrechtenactivisten deden dat wel al. Volgens Nicholas Opiyo, advocaat in hoofdstad Kampala, is de belasting een ‘nieuw verstikkingsmiddel voor de vrije meningsuiting en het burgerengagement’. ‘De overheid wil de steeds grotere rol van sociale media in de politiek aan banden leggen’, klinkt het. 

Naar schatting 40 procent van de Oegandezen gebruikt internet. Apps zoals Facebook en WhatsApp zijn bij hen erg populair. Toch is datagebruik er volgens het World Wide Web Foundation erg duur. ‘De overheid zou datagebruik toegankelijker moeten maken, niet het tegenovergestelde’, vindt Diana Taremwa, een liefdadigheidswerker in Kampala.

Sinds 1986

De 73-jarige Yoweri Museveni is al sinds 1986 president van Oeganda. Volgens critici heeft hij herhaaldelijk verkiezingen gemanipuleerd. Zijn belangrijkste rivaal, Kizza Besigye, is ook al tientallen keren in de gevangenis beland. Sommige oppositieleden kregen ook al een klacht aan de broek voor het beledigen van Museveni op sociale media.