België verliest 220 miljoen Europese landbouwsteun
Moet deze boer na 2020 zijn bieten rooien zonder Europese steun? Foto: Dieter Telemans

De boeren dreigen het kind van de Brexit-­rekening te worden. Voor de periode 2021-2027 zouden ze het met 43 miljard minder moeten doen.

De Europese Commissie presenteert vandaag haar plannen voor een nieuw landbouwbeleid na 2020. Volgens het voorstel, dat De Standaard kon inkijken, gaat er tussen 2021 en 2027 286,2 miljard euro naar directe inkomenssteun voor de boeren, tegenover 308,7 miljard in de huidige meerjarenbegroting. De pot voor plattelandsontwikkeling zou terugvallen van 99,6 naar 78,8 miljard euro. Samengeteld komt dit neer op een daling van het budget met 43 miljard euro.

België, dat van 2014 tot 2020 kan rekenen op 4,09 miljard euro, zou 220 miljoen euro verliezen: 3,9% aan inkomenssteun minder en 15,3% minder voor plattelandsontwikkeling. Een serieuze aderlating, maar minder erg dan scenario’s waarbij ons land 360 miljoen tot 1 miljard zou verliezen.

De krimp van de pot geld voor landbouwbeleid is een gevolg van de Brexit en de extra middelen die nodig zijn voor nieuwe prioriteiten zoals migratie, defensie en veiligheid. ‘Ik blijf me zorgen maken over de leefbaarheid van onze landbouw’, zegt Europarlementslid Tom Vandenkendelaere (CD&V). ‘Men schuift de Brexit-factuur door naar de boeren, omdat de lidstaten niet meer willen bijdragen. Dit voorstel zal de precaire economische situatie van onze landbouwers niet verbeteren.’

Beter voor kleine boer?

De besparing moet deels gerealiseerd worden door de invoering van een bovengrens voor de inkomenssteun. In Vlaanderen ligt die nu op 150.000 euro. ‘Meer kleine boeren zouden zo aanspraak kunnen maken op een groter stuk van de taart’, zegt Sander Loones (N-VA). ‘80 procent van de Europese inkomenssteun gaat nu naar slechts 20 procent van de Europese landbouwers.’

In ontwerpteksten was nog sprake van een beperking tot 60.000 euro per bedrijf. Maar wellicht onder druk van lidstaten met veel grote bedrijven zou een bovengrens tot 100.000 euro mogelijk blijven. Positief voor de kleinere bedrijven is wel dat er een herverdelingsmechanisme wordt ingevoerd dat in hun voordeel speelt. ‘Toch bevat dit voorstel nog onvoldoende garanties dat de kleine en middelgrote boeren beter geholpen zullen worden’, aldus Vandenkendelaere.

Beter voor vergroening?

Discussie zal er ook zijn over de vraag of dit nieuwe voorstel genoeg doet voor de vergroening van de landbouw. Als specifieke doelstellingen vermeldt het onder meer bescherming van de biodiversiteit en een afzwakking van de gevolgen van klimaatverandering. Maar de Groenen in het Europees Parlement noemen de vermindering van de middelen voor plattelandsontwikkeling nu al ‘schandelijk’ en voorspellen ernstige schade voor de rurale economie. En de strikte koppeling van een deel van de inkomenssteun aan vergroeningsmaatregelen, valt weg. Dat wordt gecompenseerd door een systeem met administratieve straffen dat de lidstaten op poten moeten zetten. Boeren die inkomenssteun ontvangen, maar zich niet houden aan de Europese regels inzake milieu en dierenwelzijn, zouden zo gestraft worden.

Opvallend zijn de grotere rol en inspraak van de lidstaten bij het Europese landbouwbeleid. De Commissie blijft de grote lijnen bepalen, maar de lidstaten zullen zelf kunnen invullen hoe ze dit doen, via de opstelling van strategische plannen die nog wel de goedkeuring van ‘Brussel’ nodig hebben.

‘Het is goed dat de Commissie eindelijk voorstelt een hele reeks taken terug te geven aan de lidstaten en de regio’s, zodat ze meer maatwerk kunnen bieden’, zegt Loones. ‘Zo zal Vlaanderen een beleid kunnen voeren dat meer op maat is van onze Vlaamse boeren.’

Het voorstel van de Commissie wacht nu een lange onderhandelingsronde met het Europees Parlement en de lidstaten. Het wordt niet simpel om alles af te ronden voor de verkiezingen van volgend jaar, zoals Europees commissaris Phil Hogan hoopt.