Arkadi Babtsjenko, een Russische journalist en schrijver die zeer kritisch staat tegenover het Kremlin, werd dinsdag dan toch niet doodgeschoten. Oekraïne beschuldigt Rusland er wel van een moord op de journalist gepland te hebben.

Babtsjenko leefde in ballingschap in Kiev sinds februari 2017. De man voelde zich bedreigd nadat hij de rol van Rusland in het conflict in het oosten van Oekraïne aan de kaak had gesteld. In interviews sprak hij over een ‘vreselijke campagne’ tegen hem, waarbij hij ‘lastiggevallen’ werd.

Dinsdagavond werd bericht dat hij doodgeschoten was, maar op een persconferentie waarop woensdag meer uitleg over de zaak zou worden gegeven, verscheen Babtsjenko in levenden lijve. Volgens het hoofd van de Oekraïense staatsveiligheid, Vasil Hritsak, moest een moord in scène worden gezet, omdat er informatie was over een plan om Babtsjenko daadwerkelijk te vermoorden.

Hritsak nam op de persconferentie meerbepaald ‘de Russische speciale diensten’ in het vizier. Door de moord in scène te zetten, kon het brein achter het oorspronkelijke moordplan worden opgepakt. De moord op Babtsjenko zou gedurende meer dan een maand zijn voorbereid. Rusland wilde volgens Hritsak 40.000 dollar betalen om de reporter uit de weg te ruimen.

De 41-jarige Babtsjenko was al ongeveer een maand op de hoogte van de plannen. ‘Een hele maand hebben de SBU en ik contact gehad, hebben we nagedacht, gewerkt, gehandeld. En het resultaat was deze bijzonder missie.’ Hij verontschuldigde zich bij zijn vrouw ‘voor de hel die zij heeft moeten doormaken’ en dankte iedereen die om zijn ‘overlijden’ heeft getreurd.

‘Propaganda’, ‘maskerade’ en ‘betreurenswaardig’

In een eerste reactie klinkt het dat het Russische ministerie van Buitenlandse Zaken blij is te vernemen dat Babtsjenko nog leeft. Maar woordvoerster Maria Sacharova doet de in scène gezette moord tegelijk af als ‘propaganda’ en een ‘maskerade’. Ook de Russische senator Konstantin Kossatsjov heeft al gereageerd. ‘Ik betreur dat Babtsjenko aan deze provocatie van de Oekraïense geheime dienst heeft deelgenomen’, zo luidt het bij hem.

Het Kremlin zelf weigert voorlopig te reageren. ‘Ik heb de berichten gezien, maar voorlopig heb ik hier nog geen informatie over’, is het enige dat woordvoerder Dmitri Peskov zegt.

Tot slot heeft Reporters Zonder Grenzen ook gereageerd. Het vindt de gebeurtenissen ‘betreurenswaardig’. Het feit dat Babtsjenko dan toch niet stierf, is dan wel ‘een grote opluchting’, zegt secretaris-generaal Christophe Deloire. ‘Maar het is dieptreurig [...] dat de Oekraïense diensten de waarheid geweld hebben aangedaan, wat hun motief ook was.’

Extreem kritisch

Babtsjenko vocht als Russische soldaat mee in de twee oorlogen in Tsjetsjenië. Daarna werd hij journalist. Hij stond extreem kritisch tegenover het Kremlin. Hij schreef over de oorlogen in de Russische Kaukasusrepubliek in het boek De kleur van oorlog, dat ook in het Nederlands is verschenen.

Na zijn vertrek uit Moskou werkte hij onder meer samen met oppositiekrant Novaya Gazeta. Babtsjenko bracht verslag uit vanuit het oosten van Oekraïne, waar het conflict tussen het Oekraïense leger en de pro-Russische separatisten in vier jaar tijd al meer dan tienduizend levens eiste. Hij onderschreef de stelling van Kiev en het Westen, dat Rusland de rebellen militair steunt - wat Moskou zelf ontkent.