'Ik wil er niet uitzien als een marathonloper of coureur'

Marcel Vanthilt is frontman van Arbeid Adelt!, solo-artiest, presentator én vanaf nu ook modeontwerper. Samen met Lee Cooper brengt hij een capsulecollectie T-shirts uit. Zijn stijlgeheimen:

Wat was recent je beste aankoop?

‘LEF is een klein winkeltje in Antwerpen waar ze Britse, mod-achtige kledij verkopen. Ik kocht er onlangs bruine wandelschoenen en enkele smalle sixtiesachtige broeken, à la Paul Weller. Ook vrij nieuw in mijn kleerkast is een zilveren kostuum dat ik voor 150 euro kocht bij een Turkse kleermaker in Borgerhout.’

Welk kledingstuk zul je nooit weggooien?

‘Een zwart vestje met een voering in tijgerprint, van Jean Paul Gaultier. Ik kocht het in 1986 maar draag het nog steeds en krijg er vaak positieve commentaar op.’

Wat was je eerste designerstuk? 

‘Ik ben onlangs verhuisd, en heb toen veel weggedaan. Je kan niet alles blijven meesleuren, dat leer je met de tijd. Ik heb wel een aantal kostuums van Scabal en Scapa bijgehouden. Een kostuum is altijd goed.’

Welke kleur komt het vaakst terug in je kledingkast?

‘Zwart sowieso, en ik sta ook goed met alle soorten kaki. Maar ook met rood, geel en donkerblauw. Eigenlijk draag ik zowat alle kleuren, behalve bruin. Dat is te saai.’

De meest waardevolle stijltip die je ooit kreeg? 

‘Hou het simpel. Doe rustig aan met tekeningen en motiefjes, prints van vlinders, konijnen, kaketoes, strepen en diamanten. Op dat vlak ben ik een Mondriaan. Ik houd van grote vlakken, het moet duidelijk zijn. Simpel is goed. Of je moet er volledig overgaan, zoals Lady Gaga en David Bowie. Maar dan moet er over nagedacht zijn en tijd ingestoken worden.’

Wie is je grootste stijlicoon?

‘David Bowie: wat een stijlevolutie heeft die man gemaakt. Hij was Ziggy Stardust, Aladdin Sane en The Thin White Duke. Hij is nooit saai geweest, zelfs op latere leeftijd was hij een stijlvol man. Dat wil je zijn, zo iemand.’

Wat is je grootste modeblunder?

‘Ik heb wel eens een paar brillen gekocht die ik niet goed vond. Te veel kleuren, ze waren niet eenvoudig genoeg.’

Wie is je favoriete ontwerper?

‘De Britse ontwerper Paul Smith, steeds stijlvol en dandy-esque. En Dries Van Noten. Ik wandel elke dag voorbij zijn winkel in de Nationalestraat en ben telkens verbaasd over zijn geïnspireerde en tijdloze creaties. Floris Van Bommel maakt heel klassieke - bijna saaie - herenschoenen, maar ze produceren ook schoenen in fake struisvogel- en krokodillenleer, in de meest gekke kleuren. Een conservatief merk maar tegelijk ook extravagant. Wat brillen betreft vind ik Cutler and Gross en Olivers People heel leuk. En All Stars en Skechers zijn merken die ik nooit beu word.’

Wat is je favoriete kledingwinkel of mode-adresje?

‘Fish & Chips in Antwerpen. Ze hebben er veel merken en wisselen vaak af. Ik wil er niet uitzien als een skater of mislukte hiphopper maar ze hebben er dingen die tof te combineren zijn met klassiekere stukken. En de eigenaar van LEF koopt alleen dingen die hij zelf mooi vindt. Hij houdt zich ver weg van massaverkoop en confectie. Optiek Blondé is nog zo’n adresje waar ze een unieke selectie aanbieden.’

In welk kledingstuk zullen we je nooit zien?

‘In shorts. Ik wil er niet uitzien als een marathonloper of coureur. Ik draag nooit shorts, zelfs niet toen ik in Los Angeles woonde. Daar droeg ik losse katoenen broeken. Beter, want daar waait wat wind door.’