Jambon en Brusselse burgemeesters bereiken princiepsakkoord rond Brussel-Noord
Foto: Kristof Vadino

Minister van Binnenlandse Zaken Jan Jambon (N-VA) heeft maandag met de burgemeesters van Schaarbeek en de stad Brussel een princiepsakkoord gesloten om de overlast in en rond het station Brussel-Noord aan te pakken.

De betrokken politiezones van de federale politie, de politie Brussel-Noord en de politie Brussel-Hoofdstad-Elsene krijgen de opdracht om tegen woensdag een geïntegreerd actieplan op te zetten. Het plan wordt die dag voorgesteld.

Het plan moet de gehele overlast en onveiligheid in en rond Brussel-Noord en het nabije Maximiliaanpark aanpakken. De aanpak van de transmigranten en de overlast die zij creëren, blijft wel prioriteit.

‘We hebben altijd gezegd dat het geen zin heeft om daar cowboy te gaan spelen of om los van elkaar te werken’, vertelt Olivier Van Raemdonck, woordvoerder van minister Jambon. ‘De enige manier om het probleem of de overlast aan te pakken, is met een gezamenlijk politieplan.’

Station teruggeven

De politiediensten krijgen nu 48 uur de tijd om het plan uit te werken en voor te stellen aan de ministers en burgemeesters. Dan pas zal bekend worden welke acties er mogelijk ondernomen worden. ‘We gaan ons nu nog niet vastprikken op wat de acties zullen zijn’, verduidelijkt Van Raemdonck.

Na een eerste overlegronde maandagmorgen liet minister Jambon al weten dat het doel is om ‘het station terug te geven aan de reizigers en de woon- en handelsbuurt opnieuw veilig maken’.

Clerfayt blijft sceptisch

Ondanks het princiepsakkoord blijft Schaarbeeks burgemeester Bernard Clerfayt (DéFI) sceptisch. ‘Alle protagonisten beseffen dat de situatie verergert, maar er is helaas nog geen akkoord over een concrete aanpak’, aldus Clerfayt.

‘Vandaag lijkt het wel alsof de ministers Francken en Jambon hun mislukkingen willen goedmaken. Dat is goed nieuws. Op voorwaarde dat dit voornemen wordt gevolgd door realistische en duurzame voorstellen.’

‘Alleen de politie inzetten volstaat niet en zal zelfs contraproductief werken. Zo verplaats je het probleem alleen maar’, besluit Clerfayt.