‘Dat wil nog niet zeggen dat lobbywerk De Decker heeft geloond’
Foto: BELGA

‘Dat De Decker in verdenking is gesteld, wil nog niet zeggen dat zijn lobbywerk heeft geloond.’ Dat zegt Vincent Van Quickenborne (Open VLD), lid van de commissie-Kazachgate.

De parlementaire onderzoekscommissie naar de totstandkoming van de wetgeving over de verruimde minnelijke schikking – de commissie-Kazachgate – liep af met een sisser. Meerderheid en oppositie raakten het niet eens over de eindconclusies.

De belangrijkste conclusie van het eindrapport – goedgekeurd door de meerderheid - was dat het wetgevend werk om de omstreden wet tot stand te brengen, niet heeft geleden onder het gelobby en de pogingen tot manipulatie. ‘Vandaag is er nog altijd geen bewijs gevonden dat door het lobbywerk van De Decker de omstreden wet er sneller is gekomen.’

Van Quickenborne wijst erop dat ook hij altijd streng is geweest voor De Decker. ‘We hebben er in het rapport op gewezen dat zijn lobbywerk deontologisch onaanvaardbaar was. Maar vaststellen of hij strafrechtelijke over de schreef is gegaan, is aan het gerecht.’

Commissievoorzitter Dirk Van der Maelen (SP.A) voelt zich gesterkt door de beslissing van het gerecht. ‘In ons alternatief rapport zijn wij veel strenger. Mijn eindoordeel was altijd dat hij niet alleen deontologisch, maar ook strafrechtelijk in de fout is gegaan.’

Maar hij moet tegelijk toegeven dat het oorzakelijk verband tussen het ongeoorloofde gelobby en de snelle invoering van de wet nog niet bewezen is. ‘Ik verwacht dat door de goede samenwerking van het Belgische en Franse gerecht nieuwe zaken zullen bovenkomen en we een duidelijk zicht krijgen op wie precies welke rol heeft gespeeld.’

Het parket geeft zelf te kennen dat ze zelf niet op zoek zijn naar het verband tussen het gelobby van De Decker en de totstandkoming van de wet. 'De magistraat-onderzoeksrechter focust daarbij enkel op de initiatieven en stappen die De Decker zou hebben ondernomen om een minnelijke schikking voor Patokh Chodiev en co. te vergemakkelijken, met uitsluiting van elke tussenkomst die hij zou hebben ondernomen tijdens het wetgevend proces bij de totstandkoming van de wet', klinkt het bij het parket.