Commissie niet onder indruk van Selmayr-resolutie
Foto: afp

Een ruime meerderheid in het Europees Parlement keurde vanmiddag een kritische resolutie goed over de flitsbenoeming van Martin Selmayr tot hoogste ambtenaar van de Commissie.

De Europarlementsleden roepen de Commissie op de procedure voor de benoeming te herevalueren. Dat moet andere kandidaten binnen de Europese ambtenarij de kans bieden zich kandidaat te stellen voor het ambt van secretaris-generaal. Amendementen die aandrongen op de heropening van de procedure of zelfs het ontslag van Selmayr werden weggestemd.

De Europese Commissie merkte in een reactie op dat de resolutie zelf stelt dat er geen juridische grond is om de benoeming te herroepen. ‘We zullen dat dan ook niet doen’, liet Europees Commissaris Günther Oettinger weten. De Commissie blijft erbij dat ze de geest en de letter van alle regels heeft gevolgd, maar is wel bereid om te kijken hoe de toepassing van de regels en procedures verbeterd kan worden.

‘Belediging voor Europees Parlement’

Hilde Vautmans (Open VLD) noemt dit antwoord ‘een belediging voor het Europees Parlement, dat niet met een kluitje in het riet gestuurd wil worden. De liberalen zullen blijven eisen dat de benoeming van Selmayr opnieuw wordt opengesteld voor andere kandidaten.’

Ook Bart Staes (Groen) begrijpt het niet: ‘Juncker en Oettinger kunnen niet meer volhouden dat de aanstelling perfect in orde was. Er zijn grenzen overschreden. Het is triest dat iemand als Juncker en de Europese christendemocratische volkspartij niet lijken in te zien dat ze de EU beschadigen door hun eigenbelang te laten prevaleren.’

Maar Tom Vandenkendelaere (CD&V) stemde wel voor het (weggestemde) amendement van Staes om de procedure voor de benoeming van Selmayr te heropenen en terug van nul te beginnen: ‘De manier waarop Selmayr werd aangesteld heeft zo’n negatieve invloed op de geloofwaardigheid van de Europese politiek dat een stevige reactie volgens mij op zijn plaats was. Het wordt tijd dat sommigen hier in Europa inzien dat zulke oude krokodillentruken niet meer thuishoren in de moderne politiek.’