De Block past omstreden ingreep werkhervatting zieken aan
Foto: Photo News

Minister van Volksgezondheid Maggie De Block (Open VLD) stuurt de nieuwe regeling bij rond langdurig werklozen die deeltijds werken. ‘Het was niet de bedoeling dat zieken financieel bestraft worden omdat ze het werk hebben hervat.’

Deze week berichtte De Standaard (DS 9 april) dat mensen met een kwetsbaar profiel die hun ziekte-uitkering met een deeltijds (laag) loon combineren, van de regering-Michel moesten inleveren. Als langdurig zieken deeltijds werken, staan ze een deel van hun uitkering af. Tot voor kort was dat op basis van het bedrag dat ze bijverdienden. Sinds 1 april werd die berekeningswijze aangepast en hangt de uitkering af van hoeveel uren iemand het werk hervat. Dat gebeurde op initiatief van minister van Volksgezondheid Maggie De Block.

De ingreep kreeg veel kritiek. Wie bijna volledig het werk hervat, was in het nieuwe systeem minder goed af. In sommige scenario’s lagen de uitkeringen tot 200 euro per maand lager.

Bijsturing

De Block stuurt daarom bij, melden De Tijd en Het Laatste Nieuws vandaag. Vanuit het kabinet-De Block klinkt het dat het niet de bedoeling was dat zieken financieel bestraft worden omdat ze het werk hebben hervat. Daarom voert de minister een overgangsmaatregel in die garandeert dat niemand zijn uitkering ziet dalen bij de verandering naar het nieuwe regime.

Zieken die momenteel deeltijds werken, kunnen kiezen welk systeem voor hen het voordeligst is, schrijft De Tijd. Als de nieuwe berekeningswijze nadelig uitdraait, kan de zieke zijn uitkering behouden volgens de oude berekeningsmethode. ‘Die sociale correctie geldt voor wie aan zijn werkhervatting begonnen was en al een deeltijdse ziekte-uitkering kreeg’, aldus het kabinet. ‘De zieken die in de toekomst deeltijds het werk hervatten, komen allemaal in het nieuwe systeem terecht.’

SP.A-fractieleider Meryame Kitir reageert op Twitter: ‘Constructieve oppositie loont. Voor de huidige verandert er niets. De toekomstige moeten het helaas wel met minder doen.’