Fiscus wisselt massaal info uit over vermogen
Minister van Financiën ­Johan Van Overtveldt (N-VA) Foto: Belga
België heeft ruim een miljoen inlichtingen over belastingplichtigen uitgewisseld met andere landen. In eigen land is die transparantie er niet.

De fiscus heeft 529.904 geldige inlichtingen ontvangen over rekeninghouders in het buitenland. Dat heeft minister van Financiën ­Johan Van Overtveldt (N-VA) geantwoord in de commissie Financiën op een vraag van Peter Vanvelthoven (SP.A). Eerder had de minister al meegedeeld dat België op zijn beurt 590.223 inlichtingen aan het buitenland heeft verstrekt. 

De uitwisseling van inlichtingen gebeurt sinds september en is een gevolg van een Oeso-initiatief: de ­Common Reporting Standard (CRS). Landen die zich hierbij hebben aangesloten, verplichten zich ertoe transparantie te verschaffen over de tegoeden van buitenlandse rekeninghouders. Het initiatief kadert in de strijd tegen internationale fiscale fraude. 

Fraudeurs opsporen

Het is nog onduidelijk op hoeveel personen de inlichtingen betrekking hebben, want het kan dat verschillende rekeningen op dezelfde naam staan. Binnenkort zouden die gegevens toegankelijk moeten worden via MyMinfin, zodat de belastingplichtigen ze zelf kunnen inzien. 

De gegevens zijn afkomstig uit 38 landen, waaronder heel wat bekende belastingparadijzen. Op termijn zouden 79 landen hun gegevens automatisch doorsturen naar België. In hoeverre de fiscus aan de hand van de automatische gegevens­uitwisseling fraudeurs op het spoor kan komen, valt af te wachten. Eerder bleek wel al dat de Bijzondere ­Belastinginspectie (BBI) ruim vierhonderd dossiers onderzoekt van ­rekeninghouders met tegoeden van meer dan 5 miljoen euro in Luxemburg. 

De inwerkingtreding van de automatische gegevensuitwisseling heeft ertoe geleid dat de fiscus nu beter  op de hoogte is van de tegoeden van houders van buitenlandse rekeningen dan van de inwoners met alleen een Belgische rekening. Een toestand die Vanvelthoven in het verleden al heeft aangeklaagd. Vorig jaar diende hij een wetsvoorstel in om ook binnenlandse tegoeden via een geautomatiseerde procedure aan bevoegde instanties over te maken. Dat is niet meer dan logisch, aldus Vanvelthoven, omdat de fiscus nu al automatisch wordt ingelicht over de ontvangen lonen en de belastingen die daarop betaald zijn. 

Ongelijke behandeling

Inkomsten uit arbeid worden dus wel doorgespeeld, inkomsten uit kapitaal niet. ‘Dat is een uitzonderlijke ­situatie, want in 29 van de 34 Oeso-landen is derdepartijrapportering met betrekking tot dividenden, int­resten of de verkoop van aandelen van toepassing’, stelde het parlementslid vast. Met derdepartij­rapportering wordt bedoeld dat een derde partij (in dit geval de banken) de gegevens automatisch doorspeelt aan de fiscus. ‘Op die manier is er optimale transparantie, en is het makkelijker om fraudegevallen te detecteren’. 

Derdepartijrapportering is een ­efficiënt en goedkoop middel tegen fraude, vinden ook de Oeso, de Europese Commissie en het IMF. Een stelling die door wetenschappelijk onderzoek wordt onderbouwd. Deense wetenschappers stelden vast dat maar 2 procent van de belastingplichtigen een te laag inkomen doorgeeft als ze weten dat hun gegevens worden overgemaakt aan de fiscus. Als ze weten dat dit niet zo is, loopt dat op tot 40 procent.  Onderzoek in de Verenigde Staten leverde gelijkaardige gegevens op. 

De invoering van het voorstel zou de ongelijke behandeling opheffen die door de CRS-uitwisseling ontstaan is. De Raad van State heeft zich daar al kritisch over uitgelaten, onder meer omdat dit een inbreuk kan vormen op het vrij verkeer van kapitaal. De toepassing van de CRS­uitwisseling toont ook aan dat er geen probleem is met de privacy, aldus Vanvelthoven. De meerderheid stemde tegen het voorstel, al verklaarde de N-VA niet tegen het ‘idee’ ervan te zijn.